Wat is een spreadsheet?

Module 1 — Kennismaken met Excel

Je allereerste kennismaking met Excel — een groot ruitjesblad op de computer

Concepts

Welkom — en eerst even rustig ademhalen

Misschien ben je een beetje zenuwachtig. Dat is heel normaal. Je gaat iets nieuws leren, en "de computer" voelt voor veel mensen als iets ingewikkelds waar je dingen mee kunt stukmaken.

Karin gaat er even goed voor zitten. *"Ik ga je één ding meteen beloven,"* zegt ze. *"Je kunt vandaag niets kapotmaken. Niets. We gaan alleen maar kijken en een beetje rondklikken. Als er iets misgaat, dan zetten we het zo weer recht. En je hoeft vandaag nog niets te onthouden — ik leg alles aan je uit, stap voor stap, alsof we naast elkaar zitten."*

Je hebt vast vroeger weleens met een **lijstje** gewerkt. Een boodschappenlijstje. Een lijst met wie er allemaal op een verjaardag komt. Een schoonmaakrooster waar je afvinkt wat je gedaan hebt. Dat soort lijstjes ken je al — en dat is precies wat we straks op de computer gaan maken. Je weet dus eigenlijk al meer dan je denkt.

> TIP: Lees dit hoofdstuk rustig door en doe daarna pas de oefening onderaan. Er is geen haast. Je mag alles zo vaak teruglezen als je wilt. Niemand kijkt mee, en er is geen "fout".

---

Wat is een spreadsheet?

Laten we beginnen met dat ene moeilijke woord: **spreadsheet** (je spreekt het uit als "spred-sjiet"). Het klinkt deftig, maar het is iets heel eenvoudigs.

Stel je een groot vel **ruitjespapier** voor. Je kent dat wel — papier met allemaal kleine vakjes, hokjes die netjes in rijen en kolommen staan. Een spreadsheet is precies dat: een groot vel met ruitjes, maar dan op de computer.

In elk vakje kun je iets zetten. Een woord. Een naam. Een bedrag. Een datum. En het mooie is: de computer kan die getallen voor je **optellen, aftrekken en uitrekenen**. Jij hoeft dus niet meer met een rekenmachine te zitten — dat doet het programma voor je.

Karin vergelijkt het met iets uit het dagelijks leven. *"Denk aan een boodschappenlijstje waar achter elk product de prijs staat. Onderaan wil je weten: wat ga ik in totaal betalen? Op papier moet je alle prijzen zelf bij elkaar optellen. In een spreadsheet typ je gewoon de prijzen in de vakjes, en de computer telt het totaal er onderaan vanzelf bij. Verander je een prijs, dan verandert het totaal meteen mee. Dát is de kracht van een spreadsheet."*

Zo ziet zo'n boodschappenlijstje er straks ongeveer uit in zo'n ruitjesblad:

   Product        Prijs
   Brood          € 2,50
   Melk           € 1,20
   Kaas           € 4,00
   ------------   --------
   Totaal         € 7,70   ← dit rekent de computer uit

Waarom is dat zo handig?

  • **De computer rekent voor je.** Geen rekenfouten meer, en geen gedoe met een rekenmachine.
  • **Je kunt makkelijk wijzigen.** Klopt een prijs niet? Je typt de nieuwe prijs en alles past zich vanzelf aan.
  • **Het blijft netjes.** Alles staat keurig in vakjes onder elkaar, ook als het een lange lijst wordt.
  • **Je raakt niets kwijt.** Je bewaart het op de computer en kunt het later weer openen.

> TIP: Onthoud vooral dit ene beeld: **een spreadsheet is een groot vel ruitjespapier op de computer, waarin de computer voor je rekent.** Als je dat snapt, snap je de rest van deze cursus ook.

Ruitjespapier | het beeld
Een groot vel met allemaal kleine vakjes
In elk vakje zet je iets: een woord of een getal
Op de computer noemen we dat een spreadsheet
---
De computer rekent | het voordeel
Jij typt de getallen in de vakjes
De computer telt en rekent het voor je uit
Verander je iets, dan rekent hij opnieuw
---
Makkelijk wijzigen | nog een voordeel
Een fout? Typ gewoon de juiste waarde
Alles past zich vanzelf aan
Veel handiger dan met pen en papier

---

Excel openen — waar vind je het?

Het programma waarmee we werken heet **Excel** (je spreekt het uit als "ex-sel"). Excel is een spreadsheet-programma: het laat zo'n ruitjesblad op je scherm zien zodat je ermee kunt werken.

Excel openen gaat net zo makkelijk als elk ander programma op de computer. Je zoekt het pictogram (het kleine plaatje, ook wel "icoontje" genoemd) en je klikt erop. Dat icoontje van Excel is een **groen vierkantje met een witte letter X** erin. Groen is de kleur van Excel — handig om te onthouden.

Waar vind je dat groene icoontje?

  • **Onderaan je scherm**, op de balk met icoontjes (de "taakbalk"). Soms staat Excel daar al.
  • **Of via de Start-knop** linksonder (het Windows-logo). Klik erop, en typ daarna gewoon het woord *Excel*. De computer zoekt het dan voor je op. Klik op het groene icoontje dat verschijnt.

*"Vind je het niet meteen?"* zegt Karin. *"Geen paniek. Klik op de Start-knop, typ E-X-C-E-L met het toetsenbord, en het verschijnt vanzelf bovenaan. Dat werkt altijd."*

Als Excel opengaat, klik je meestal nog op **"Lege werkmap"** (een leeg vel om mee te beginnen). En dan zie je het: een groot, leeg raster van vakjes. Heel veel lege hokjes, netjes in rijen en kolommen. Precies dat ruitjesvel waar we het over hadden.

Zo ziet het scherm er ongeveer uit als Excel net open is:

 ┌──────────────────────────────────────────────────────┐
 │  Bestand   Start   Invoegen   ...   ← het lint/menu   │
 ├──────────────────────────────────────────────────────┤
 │        A         B         C         D                │  ← kolomletters (bovenaan)
 │   ┌────────┬─────────┬─────────┬─────────┐            │
 │ 1 │        │         │         │         │            │
 │   ├────────┼─────────┼─────────┼─────────┤            │
 │ 2 │        │         │         │         │            │
 │   ├────────┼─────────┼─────────┼─────────┤            │
 │ 3 │        │         │         │         │            │
 │   └────────┴─────────┴─────────┴─────────┘            │
 │ ↑                                                     │
 │ rijnummers (links)        het raster van vakjes       │
 └──────────────────────────────────────────────────────┘

Schrik niet van al die lege vakjes. Je hoeft ze niet allemaal te gebruiken. Voor een klein lijstje gebruik je maar een paar vakjes linksboven, en de rest laat je gewoon leeg.

> TIP: Het eerste vakje linksboven — daar begin je meestal. De computer zet daar vanzelf een randje of een kleurtje omheen om aan te geven: "dit vakje is nu gekozen". Dat is precies waar je straks gaat typen.

---

De onderdelen die je op het scherm ziet

Je hoeft nu nog niets te kunnen, alleen maar **herkennen**. We geven drie dingen op het scherm een naam. Meer is het niet.

**1. Het werkblad.** Dat is het hele ruitjesvel — al die vakjes bij elkaar. Het **werkblad** is je werkvel, je tekenpapier. Daar gebeurt alles.

**2. De cel.** Eén los vakje heet een **cel**. Dat is het belangrijkste woord van vandaag. Een cel is gewoon één hokje waar je iets in kunt zetten: een woord, een naam, of een getal. Het werkblad bestaat dus uit heel veel cellen naast en onder elkaar.

Elke cel heeft een soort adres, net als een huis een huisnummer heeft. Bovenaan staan **letters** (A, B, C…) en aan de zijkant staan **nummers** (1, 2, 3…). Het vakje helemaal linksboven, waar kolom A en rij 1 elkaar kruisen, heet daarom **cel A1**. Het vakje daar rechtnaast is **B1**. Zo weet je altijd over welk vakje je het hebt.

       A       B       C
   ┌───────┬───────┬───────┐
 1 │  A1   │  B1   │  C1   │
   ├───────┼───────┼───────┤
 2 │  A2   │  B2   │  C2   │
   ├───────┼───────┼───────┤
 3 │  A3   │  B3   │  C3   │
   └───────┴───────┴───────┘

*"Dat adres hoef je nu echt nog niet uit je hoofd te leren,"* stelt Karin je gerust. *"Ik wijs het later gewoon aan als we het nodig hebben. Het is alleen handig dat je weet: een cel heeft een naam, en die naam komt van de letter bovenaan en het nummer aan de zijkant."*

**3. Het lint (het menu) bovenin.** Bovenaan het scherm zit een brede balk vol knoppen. Die balk heet het **lint** (in het Engels: "ribbon") of gewoon "het menu". Op dat lint staan alle knoppen waarmee je dingen kunt doen: tekst dikgedrukt maken, een kleurtje geven, en later ook rekenen. Je hoeft nu geen enkele knop te kennen. Weet alleen: alle knoppen die je nodig hebt, vind je bovenaan op het lint.

Het werkblad | het hele vel
Het complete ruitjesvel met alle vakjes
Je werkpapier, waar alles op gebeurt
Bestaat uit heel veel cellen
---
De cel | één vakje
Eén los hokje waar je iets in zet
Heeft een adres, zoals A1 of B2
Het belangrijkste woord van dit hoofdstuk
---
Het lint | de knoppen
De brede balk bovenin met knoppen
Hier vind je alles wat je kunt doen
Nu nog niet nodig, alleen herkennen

> TIP: Verwar de twee woorden niet: het **werkblad** is het héle vel, een **cel** is één enkel vakje. Net als bij een vel ruitjespapier: het hele vel tegenover één hokje. Meer hoef je vandaag echt niet te weten.

---

Excel is niet het enige — wat je leert werkt overal

Misschien staat op jouw computer geen Excel, maar een ander programma. Dat is helemaal niet erg.

Excel is het bekendste spreadsheet-programma, maar er zijn er meer, en ze werken bijna allemaal hetzelfde. Je komt deze namen misschien tegen:

  • **OnlyOffice** — een gratis programma dat sterk op Excel lijkt.
  • **LibreOffice Calc** — ook gratis; "Calc" is het spreadsheet-onderdeel ervan.
  • **Google Sheets** — een spreadsheet die in je internetbrowser werkt, dus zonder dat je iets hoeft te installeren.

In al deze programma's zie je hetzelfde ruitjesblad, dezelfde cellen met letters en nummers, en hetzelfde idee: de computer rekent voor je. De knoppen zitten soms net op een andere plek of hebben een iets andere kleur, maar wat je in deze cursus leert, kun je in al die programma's gebruiken.

*"Je leert hier niet zomaar 'op knopjes drukken',"* zegt Karin. *"Je leert hoe een spreadsheet wérkt. En dat is overal hetzelfde. Heb je thuis geen Excel maar wel zo'n ander programma? Prima. Doe gewoon mee — het werkt bij jou bijna precies zo."*

> TIP: Heb je thuis Excel niet en wil je toch oefenen? Google Sheets is gratis en werkt in je internetbrowser. Je hebt er alleen een Google-account voor nodig. Maak je daar nu geen zorgen over — we helpen je daar later mee als dat nodig is.

---

Waarvoor ga je het straks gebruiken?

Misschien denk je: leuk, zo'n ruitjesblad, maar wat heb ik eraan? Heel veel. In deze cursus gaan we Excel stap voor stap voor steeds nuttigere dingen inzetten:

  • **Lijstjes maken.** Een namenlijst, een voorraadlijst, een rooster. Netjes en overzichtelijk, in plaats van losse briefjes.
  • **Je kasboek.** Wat komt er binnen, wat geef je uit, hoeveel houd je over? De computer rekent het saldo voor je uit, en past het meteen aan als er iets verandert.
  • **De boekhouding.** Later in de cursus gebruik je Excel om een echte administratie bij te houden: inkomsten, uitgaven, btw. Ook daar laat je het rekenwerk telkens door de computer doen.

Zie je de rode draad? Bij elke stap geldt hetzelfde principe: **jij vult de gegevens in, de computer doet het rekenwerk.** Jij hoeft alleen maar te weten wát je wilt weten; het uitrekenen besteed je uit aan Excel.

Karin sluit de uitleg af. *"Vandaag hebben we alleen gekeken wat een spreadsheet ís. Dat is genoeg voor één keer. In de volgende lessen ga je echt zelf dingen invullen en de computer voor je laten rekenen. Maar eerst doen we samen een heel klein oefeningetje, zodat je voor de eerste keer Excel opent en het zelf ziet. Klaar? Het kan echt niet misgaan."*

---

Missie

STORY: Alex van Ginkel, 29, heeft zijn eenmanszaak net ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Hij gaat als freelance IT-consultant aan de slag — zijn eerste eigen bedrijf. Zijn buurvrouw Karin, controller bij een groter bedrijf, heeft beloofd hem op weg te helpen. *"Het eerste wat je nodig hebt is Excel,"* zegt ze. *"Daarmee houd je straks je eigen facturen, kosten en inkomsten bij. Maar vandaag beginnen we bij het allereerste begin: Excel openen en zien hoe het eruitziet. Er kan niets kapot."* Alex haalt diep adem en pakt de muis.

Stap 1 — Open Excel

Zoek het groene icoontje met de witte letter X. Vind je het onderaan op de balk? Klik erop. Vind je het niet meteen, doe dan dit:

1. Klik linksonder op de Start-knop (het Windows-logo).
2. Typ op het toetsenbord het woord:  Excel
3. Klik bovenaan op het groene Excel-icoontje dat verschijnt.

Komt er een keuzescherm? Klik dan op **"Lege werkmap"** om met een leeg vel te beginnen. Lukt het niet meteen? Geen zorgen, probeer het gewoon nog een keer. Er gaat niets stuk.

Stap 2 — Kijk naar het lege raster

Nu staat Excel open en zie je een groot raster van lege vakjes. Doe even niets. Kijk alleen rond en zoek de drie dingen die je net geleerd hebt:

• Bovenaan: de brede balk met knoppen → dat is het lint (het menu).
• Bovenaan het raster: de letters A, B, C, D …  → de kolomletters.
• Links naast het raster: de nummers 1, 2, 3 …    → de rijnummers.

Zie je dat het vakje helemaal linksboven (cel A1) al een randje of kleurtje heeft? Dat is het vakje dat nu "gekozen" is. Mooi — verder niets doen. Gewoon kijken en herkennen.

Stap 3 — Klik met de muis op een vakje

Beweeg de muis naar een willekeurig leeg vakje, bijvoorbeeld eentje midden op het scherm, en klik er één keer op met de linker muisknop.

Klik één keer op een vakje → er komt een rand omheen.
Klik op een ander vakje    → de rand springt mee.

Zie je de rand meespringen naar het vakje waarop je klikt? Goed zo. Zo kies je een cel: je klikt erop, en dán is hij gekozen. Klik gerust een paar keer op verschillende vakjes om het gevoel te krijgen. Je verandert hier nog niets aan — je wijst alleen aan.

Stap 4 — Typ de naam van je bedrijf in een vakje

Nu het leukste: we zetten er iets in. Klik eerst op het vakje linksboven (cel A1), zodat daar de rand omheen staat. Typ dan de naam van Alex zijn nieuwe bedrijf met het toetsenbord. Druk daarna op de grote **Enter**-toets.

1. Klik op het vakje linksboven (A1).
2. Typ de bedrijfsnaam:  Van Ginkel Solutions
3. Druk op Enter.
→ De naam staat nu in het vakje. Gefeliciteerd!

Heb je een typefout gemaakt? Helemaal niet erg. Klik gewoon weer op dat vakje, typ de tekst opnieuw en druk op Enter — de oude tekst wordt dan vervangen. Zo simpel is het.

Stap 5 — Kijk nog één keer en wees trots

Leun even achterover en kijk naar wat je gedaan hebt. Daar staat de naam van het bedrijf, in een echt Excel-werkblad, door jou zelf ingetypt. Je hebt voor het eerst met een spreadsheet gewerkt.

       A                    B       C
   ┌──────────────────┬───────┬───────┐
 1 │ Van Ginkel       │       │       │   ← de bedrijfsnaam, ingetypt
   │ Solutions        │       │       │
   ├──────────────────┼───────┼───────┤
 2 │                  │       │       │
   └──────────────────┴───────┴───────┘

We bewaren dit vandaag nog niet — hoe je iets opslaat, leer je in een volgende les. Je mag Excel straks gewoon afsluiten. Krijg je dan de vraag of je wilt opslaan? Klik rustig op **"Niet opslaan"**. Voor vandaag hoeven we niets te bewaren.

**Karin kijkt mee en knikt tevreden.** *"Kijk eens aan. Je hebt Excel geopend, je hebt rondgekeken, je hebt op vakjes geklikt en je hebt je eigen naam in een cel getypt. En er is precies niets kapotgegaan, toch? Dit was je allereerste keer — en je deed het prima. Volgende keer maken we samen een echt lijstje en laten we de computer voor het eerst voor je rekenen. Goed bezig."*