Heffingskortingen in Excel
Module 3 — Werkkostenregeling
Loonheffingskorting, arbeidskorting en afbouw berekenen
Concepts
Wat zijn heffingskortingen?
Heffingskortingen zijn kortingen op de te betalen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. Ze verlagen de verschuldigde belasting direct — niet het belastbare inkomen. Dat maakt ze veel waardevoller dan aftrekposten.
Via de loonheffing | maandelijks
Werknemer vraagt de loonheffingskorting aan bij de werkgever
Werkgever past de lage tabel (= "witte tabel met LHK") toe
De kortingen zijn al verwerkt in de tabelbedragen
Arbeidskorting + algemene heffingskorting worden zo maandelijks verrekend
---
Via de aangifte IB | eenmalig per jaar
Heffingskortingen die NIET via de tabel lopen
Ouderenkorting, alleenstaande ouderenkorting, jonggehandicaptenkorting
Worden verrekend in de jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting
Werknemer ontvangt een teruggave van de Belastingdienst
---
Niet aangevraagd | hogere inhouding
Werknemer vraagt geen loonheffingskorting aan
Werkgever past de hoge tabel toe (zonder LHK)
Nuttig bij tweede dienstbetrekking of meerdere inkomstenbronnen
Voorkomt bijbetaling bij de IB-aangifteDe twee kortingen die via de loonheffingstabel lopen:
- **Algemene heffingskorting** — voor iedere belastingplichtige, afgebouwd bij hoger inkomen
- **Arbeidskorting** — alleen voor werkenden, afgebouwd bij hoger inkomen
Algemene heffingskorting 2026
De algemene heffingskorting is een basiskorting voor alle belastingplichtigen in Nederland. De korting is maximaal bij lagere inkomens en wordt geleidelijk afgebouwd naarmate het inkomen stijgt.
Algemene heffingskorting 2026:
Maximum: €3.362 (bij jaarinkomen ≤ €24.813)
Afbouw: lineair boven €24.813
Formule: €3.362 - (inkomen - €24.813) × 6,63%
Nihil boven: €75.518
Berekening per inkomensniveau:
Inkomen €24.813 : €3.362 (maximum)
Inkomen €30.000 : €3.362 - (€30.000 - €24.813) × 6,63%
= €3.362 - €5.187 × 6,63%
= €3.362 - €344 = €3.018
Inkomen €50.000 : €3.362 - (€50.000 - €24.813) × 6,63%
= €3.362 - €25.187 × 6,63%
= €3.362 - €1.670 = €1.692
Inkomen €75.518 : €3.362 - (€75.518 - €24.813) × 6,63%
= €3.362 - €50.705 × 6,63%
≈ €3.362 - €3.362 = €0 (nihil)
Inkomen >€75.518 : €0> EXAMTIP: De grens van €75.518 is de grens waarboven de algemene heffingskorting volledig nihil is. Een werknemer met een jaarsalaris van €80.000 heeft geen recht meer op de algemene heffingskorting — ook niet via de aangifte IB.
Arbeidskorting 2026
De arbeidskorting geldt alleen voor werkenden (inkomsten uit tegenwoordige dienstbetrekking of winst uit onderneming). De korting kent een opbouwfase, een plateau en een afbouwfase.
Arbeidskorting 2026:
Fase 1 — Opbouw (t/m €10.933):
8,425% van het arbeidsinkomen
Maximum bij €10.933: €10.933 × 8,425% = ±€921
Fase 2 — Tweede opbouw (€10.933 t/m €25.187):
Vaste voet + aanvullende opbouw
±€921 + (inkomen - €10.933) × 31,433%
Fase 3 — Plateau (€25.187 t/m €43.071):
Maximum arbeidskorting: €5.398 (bij €43.071)
Geen verdere opbouw, geen afbouw
Fase 4 — Afbouw (€43.071 t/m €124.935):
€5.398 - (inkomen - €43.071) × 6,510%
Minimum: €0
Fase 5 — Nihil (boven €124.935):
€0
Berekening per inkomensniveau:
Inkomen €15.000 : €921 + (€15.000 - €10.933) × 31,433%
= €921 + €4.067 × 31,433%
= €921 + €1.278 = €2.199
Inkomen €43.071 : €5.398 (maximum plateau)
Inkomen €60.000 : €5.398 - (€60.000 - €43.071) × 6,510%
= €5.398 - €16.929 × 6,510%
= €5.398 - €1.102 = €4.296
Inkomen €100.000 : €5.398 - (€100.000 - €43.071) × 6,510%
= €5.398 - €56.929 × 6,510%
= €5.398 - €3.706 = €1.692
Inkomen €124.935 : ≈ €0 (volledige afbouw)Het effect van de afbouw — bruto-netto paradox
De afbouw van heffingskortingen heeft een effect dat verder gaat dan het nominale belastingtarief. Bij een inkomen in de afbouwzone betaal je niet alleen het schijftarief, maar verlies je ook de korting.
Voorbeeld: werknemer verdient €50.000 per jaar en krijgt €1.000 bruto opslag.
Situatie zonder opslag (€50.000):
Arbeidskorting: €5.398 - (€50.000 - €43.071) × 6,51% = €4.947
Algemene heffingskorting: €3.362 - (€50.000 - €24.813) × 6,63% = €1.691
Situatie met opslag (€51.000):
Arbeidskorting: €5.398 - (€51.000 - €43.071) × 6,51% = €4.882
Algemene heffingskorting: €3.362 - (€51.000 - €24.813) × 6,63% = €1.624
Effect van de €1.000 opslag:
Schijftarief loonbelasting ca. 37,48% : -€374,80
Verlies arbeidskorting: €4.947 - €4.882 : -€65,00
Verlies algemene heffingskorting: €1.691-€1.624: -€67,00
─────────────────────────────────────────────────────────
Totaal extra inhouding : -€506,80
Effectief marginaal tarief : 50,68%
De nominale schijf is 37,48% maar het effectieve marginale tarief
door de afbouw van heffingskortingen is ruim 50%!> EXAMTIP: De afbouw van heffingskortingen verhoogt het effectieve marginale tarief significant. Bij examenvragen over "wat houdt een medewerker netto over van een salarisverhoging?" moet je altijd rekening houden met zowel het belastingtarief als de afbouw van de kortingen. Dit is een typische open vraag op het PDL-examen.
Loonheffingskorting aanvragen — regels
Eén werkgever | één LHK
De loonheffingskorting mag bij slechts één werkgever worden aangevraagd
Bij twee of meer banen: alleen bij de hoofdwerkgever (hoogste loon)
De andere werkgever past de hoge tabel (zonder LHK) toe
Werknemer dient zelf een verzoek in — mondeling of schriftelijk
---
Wijziging tijdens het jaar | mogelijk
Werknemer mag de LHK intrekken bij de huidige werkgever
En opnieuw aanvragen bij een andere werkgever (bij baanwisseling)
De nieuwe werkgever past de nieuwe aanvraag toe vanaf het eerstvolgende tijdvak
Retroactieve aanpassing is niet toegestaan
---
Geen aanvraag | hoge tabel
Geen loonheffingskorting aangevraagd → werkgever gebruikt hoge tabel
Hoge tabel = witte tabel zonder verrekening van arbeidskorting en AHK
Hogere maandelijkse inhouding → bij aangifte IB krijgt werknemer terug
Nuttig als bescherming tegen bijbetaling bij meerdere inkomensOverige heffingskortingen — uitsluitend via aangifte inkomstenbelasting
Naast de arbeidskorting en de algemene heffingskorting (die beide via de loonheffingstabel lopen) bestaan er kortingen die de werkgever **niet** toepast. De werknemer claimt ze zelf in zijn aangifte inkomstenbelasting.
Ouderenkorting | AOW-gerechtigden
Geldt voor belastingplichtigen die de AOW-leeftijd hebben bereikt
Maximum 2026: ±€1.996 (bij inkomen ≤ ±€40.888)
Afbouw: 15% per euro boven de inkomensgrens, tot nihil bij ca. €53.000
Niet via de loonheffingstabel — uitsluitend via aangifte inkomstenbelasting
---
Alleenstaande ouderenkorting | extra voor alleenstaanden met AOW
Aanvullend op de ouderenkorting — alleen voor alleenstaanden met AOW
Flat bedrag 2026: ±€478 (geen inkomensafbouw)
Uitsluitend via aangifte inkomstenbelasting
---
Jonggehandicaptenkorting | Wajong-gerechtigden
Geldt voor belastingplichtigen met recht op een Wajong-uitkering
Flat bedrag 2026: ±€910 (geen inkomensafbouw)
Niet combineerbaar met ouderenkorting
Uitsluitend via aangifte inkomstenbelastingOverzicht: tabel versus aangifte IB
Korting Via loonheffingstabel Via aangifte IB
────────────────────────────────────────────────────────────────────────
Algemene heffingskorting ✓ (als LHK aangevraagd) ✓ (jaarverrekening)
Arbeidskorting ✓ (als LHK aangevraagd) ✓ (jaarverrekening)
Ouderenkorting ✗ NIET via tabel ✓ alleen via IB
Alleenstaande ouderenkorting ✗ NIET via tabel ✓ alleen via IB
Jonggehandicaptenkorting ✗ NIET via tabel ✓ alleen via IB
────────────────────────────────────────────────────────────────────────> EXAMTIP: De werkgever houdt bij de loonberekening **géén rekening** met de ouderenkorting, alleenstaande ouderenkorting of jonggehandicaptenkorting — ook niet als hij weet dat de werknemer AOW ontvangt of Wajong-gerechtigd is. De werknemer claimt deze kortingen zelf via de aangifte IB. Dit is een standaard examenvraag: "welke kortingen verrekent de werkgever niet?"
---
Praktijkgeval — drie medewerkers van Van Ginkel Solutions BV
Medewerker 1: Fatima El Amrani
Bruto jaarloon: €38.400
LHK aangevraagd: ja
Situatie: enige baan
Arbeidskorting:
€38.400 > €25.187 en ≤ €43.071 → plateau fase benaderd
Berekening via fase 2: ±€921 + (€25.187-€10.933)×31,433% = ±€5.391
Fatima zit net onder het plateau, arbeidskorting ≈ €5.391
Algemene heffingskorting:
€38.400 > €24.813 → afbouw
€3.362 - (€38.400 - €24.813) × 6,63%
= €3.362 - €13.587 × 6,63%
= €3.362 - €900 = €2.462
Totale heffingskortingen: ≈ €5.391 + €2.462 = €7.853 per jaar
Per maand: ≈ €654
────────────────────────────────────────────────────────────────────
Medewerker 2: Marcus Visser
Bruto jaarloon: €76.800
LHK aangevraagd: ja
Situatie: enige baan
Arbeidskorting:
€76.800 > €43.071 → afbouw
€5.398 - (€76.800 - €43.071) × 6,51%
= €5.398 - €33.729 × 6,51%
= €5.398 - €2.196 = €3.202
Algemene heffingskorting:
€76.800 > €75.518 → nihil
€0
Totale heffingskortingen: ≈ €3.202 + €0 = €3.202 per jaar
Per maand: ≈ €267
────────────────────────────────────────────────────────────────────
Medewerker 3: Sandra Bakker
Bruto jaarloon: €28.800
LHK aangevraagd: nee (tweede baan naast parttime functie elders)
Situatie: geen loonheffingskorting via Van Ginkel
Arbeidskorting: niet van toepassing via Van Ginkel (andere werkgever)
Algemene heffingskorting: niet van toepassing via Van Ginkel
Hoge tabel wordt toegepast → hogere inhouding
Sandra verrekent de kortingen via haar aangifte IB of bij haar hoofdwerkgever---
Doen in Excel — Heffingskortingen-calculator
Gegeven
| Medewerker | Bruto jaarloon | LHK aangevraagd | |---|---|---| | Fatima El Amrani | 38.400 | ja | | Marcus Visser | 76.800 | ja | | Arjun Patel | 52.000 | ja |
Tarieven 2026 — arbeidskorting: opbouw 8,425% t/m €10.933, tweede opbouw +31,433% t/m €25.187, plateau €5.398 t/m €43.071, afbouw 6,510% boven €43.071, nihil boven €124.935. Algemene heffingskorting: maximum €3.362 t/m €24.813, afbouw 6,63% boven €24.813, nihil boven €75.518.
Opdracht
Bouw een heffingskortingen-calculator met één invoercel voor het bruto jaarloon. De calculator berekent de arbeidskorting en de algemene heffingskorting afzonderlijk, telt ze op en toont het effectieve belastingpercentage. Breid daarna uit met een gevoeligheidsanalyse: een tabel met jaarlonen van €20.000 tot €100.000 (stap €5.000) waarbij alle kortingen per rij automatisch worden berekend. Voeg een lijngrafiek toe die de afbouw van beide kortingen zichtbaar maakt.
Sleutelformule
IFS met TRUE als laatste tak als "anders"-vangnet — verwerkt alle fasen van de arbeidskorting in één formule:
=IFS(B2<=10933, B2*0.08425, B2<=25187, 920+(B2-10933)*0.31433, B2<=43071, 5398, B2<=124935, MAX(0,5398-(B2-43071)*0.0651), TRUE, 0)---
Interactief: bereken heffingskortingen
Gebruik de onderstaande calculator om de heffingskortingen bij verschillende inkomensniveaus te verkennen. Vergelijk het effect van de afbouw bij de medewerkers van Van Ginkel Solutions BV:
type: heffingskortingen
scenario: Fatima El Amrani — jaarloon €38.400, loonheffingskorting ja
jaarloon: 38400
loonheffingskorting: jatype: heffingskortingen
scenario: Marcus Visser — jaarloon €76.800, loonheffingskorting ja
jaarloon: 76800
loonheffingskorting: jatype: heffingskortingen
scenario: Arjun Patel — jaarloon €52.000, loonheffingskorting ja
jaarloon: 52000
loonheffingskorting: ja> EXAMTIP: De heffingskortingen worden in de TABEL verwerkt als de werknemer loonheffingskorting heeft aangevraagd. De tabellen zijn dus al gecorrigeerd voor deze kortingen. Als je handmatig berekent (zonder tabel), moet je de kortingen zelf in mindering brengen op de berekende loonheffing: loonheffing = schijftarief × loon − arbeidskorting − algemene heffingskorting. Dit onderscheid is essentieel bij open vragen op het PDL-examen.
---
Missie
STORY: Van Ginkel Solutions BV overweegt salarisrondes voor drie medewerkers. Directeur Alex van Ginkel wil weten wat het netto-effect is van een salarisverhoging per €500 bruto voor elk van de drie medewerkers. Door de afbouw van heffingskortingen is het netto-effect niet lineair. Jij bouwt een Excel-tool met gevoeligheidsanalyse die laat zien wat een medewerker bij elke €500 extra bruto netto meer overhoudt — en waarschuwt als het effect door de afbouw tegenvalt.
Stap 1 — Bouw de medewerkersinvoer
Maak een tabblad **Salarisanalyse**. Definieer een tabel **Medewerkers** met drie medewerkers:
A B C
Naam Huidig jaarloon LHK
Fatima 38400 ja
Marcus 76800 ja
Arjun 52000 jaStap 2 — Bereken heffingskortingen voor huidig loon
Voeg kolommen toe voor de heffingskortingen bij het huidige loon:
Kolom D: Arbeidskorting (huidig)
=IFS(
[@[Huidig jaarloon]]<=10933, [@[Huidig jaarloon]]*0.08425,
[@[Huidig jaarloon]]<=25187, 920+([@[Huidig jaarloon]]-10933)*0.31433,
[@[Huidig jaarloon]]<=43071, 5398,
[@[Huidig jaarloon]]<=124935, MAX(0, 5398-([@[Huidig jaarloon]]-43071)*0.0651),
TRUE, 0
)
Kolom E: Algemene heffingskorting (huidig)
=IFS(
[@[Huidig jaarloon]]<=24813, 3362,
[@[Huidig jaarloon]]<=75518, MAX(0, 3362-([@[Huidig jaarloon]]-24813)*0.0663),
TRUE, 0
)Stap 3 — Gevoeligheidsanalyse per medewerker
Maak voor elke medewerker een kleine looptabel met de netto stijging per €500 salarisverhoging. Gebruik het bereik F1:K12 (medewerker 1), M1:R12 (medewerker 2) etc.
Structuur per medewerker (hier uitgewerkt voor Fatima, huidig loon €38.400):
Kolom F: Verhoging (stap) Kolom G: Nieuw loon Kolom H: Netto stijging
€0 38400 €0
€500 38900 [formule H3]
€1.000 39400 [formule H4]
...
€5.000 43400 [formule H12]Formule in G3 (nieuw jaarloon):
=G2 + 500
(of: =$B$2 + (ROW()-2)*500 als je de startrij aanpast)Formule in H3 (netto stijging ten opzichte van €0 verhoging):
=NETTO_NIEUW - NETTO_HUIDIG
Waarbij NETTO_NIEUW en NETTO_HUIDIG worden berekend als:
Loon - loonheffing_na_kortingen
Loonheffing_na_kortingen (globaal) voor nieuwe loon G3:
LH_bruto: =IFS(G3<=38441, G3*0.3582, G3<=76817, 38441*0.3582+(G3-38441)*0.3748, TRUE, 38441*0.3582+(76817-38441)*0.3748+(G3-76817)*0.4950)
AK_nieuw: =IFS(G3<=10933, G3*0.08425, G3<=25187, 920+(G3-10933)*0.31433, G3<=43071, 5398, G3<=124935, MAX(0,5398-(G3-43071)*0.0651), TRUE, 0)
AHK_nieuw: =IFS(G3<=24813, 3362, G3<=75518, MAX(0,3362-(G3-24813)*0.0663), TRUE, 0)
LH_na_kortingen: =MAX(0, LH_bruto - AK_nieuw - AHK_nieuw)
Netto nieuw: =G3 - LH_na_kortingen
Netto stijging in H3: =Netto_nieuw - Netto_huidig(G2)
Samengevat als één formule in H3:
=( G3 - MAX(0,
IFS(G3<=38441, G3*0.3582, G3<=76817, 38441*0.3582+(G3-38441)*0.3748,
TRUE, 38441*0.3582+(76817-38441)*0.3748+(G3-76817)*0.4950)
- IFS(G3<=10933, G3*0.08425, G3<=25187, 920+(G3-10933)*0.31433,
G3<=43071, 5398, G3<=124935, MAX(0,5398-(G3-43071)*0.0651), TRUE, 0)
- IFS(G3<=24813, 3362, G3<=75518, MAX(0,3362-(G3-24813)*0.0663), TRUE, 0)
) )
- ( G2 - MAX(0,
IFS(G2<=38441, G2*0.3582, G2<=76817, 38441*0.3582+(G2-38441)*0.3748,
TRUE, 38441*0.3582+(76817-38441)*0.3748+(G2-76817)*0.4950)
- IFS(G2<=10933, G2*0.08425, G2<=25187, 920+(G2-10933)*0.31433,
G2<=43071, 5398, G2<=124935, MAX(0,5398-(G2-43071)*0.0651), TRUE, 0)
- IFS(G2<=24813, 3362, G2<=75518, MAX(0,3362-(G2-24813)*0.0663), TRUE, 0)
) )Stap 4 — Bereken het effectieve netto percentage
Voeg een kolom I toe die het netto percentage van de bruto verhoging laat zien:
Kolom I: Netto% van brutoverhoging
=IF(F3>0, H3/F3, 0)
(formaat als percentage met 1 decimaal)Verwachte indicatieve resultaten voor Fatima (€38.400 → €43.400):
Verhoging Nieuw loon Netto stijging Netto%
€500 €38.900 ±€275 55%
€1.000 €39.400 ±€548 55%
€2.000 €40.400 ±€960 48% ← plateau arbeidskorting raakt voorbij
€3.000 €41.400 ±€1.386 46%
€4.600 €43.000 ±€2.117 46%
€5.000 €43.400 ±€2.286 46% ← nabij einde plateau arbeidskorting
Noot: boven €43.071 begint de arbeidskorting af te bouwen voor Fatima.
Dit verhoogt het effectieve marginale tarief aanzienlijk.Stap 5 — Waarschuwing bij tegenvallend netto-effect
Voeg een kolom J toe met een automatische waarschuwing als het netto-percentage onder een drempel valt:
Kolom J: Signaal
=IF(I3 < 0.45,
"LET OP: netto < 45% van bruto — afbouw kortingen actief",
IF(I3 < 0.50,
"Let op: netto < 50% — nader de afbouwzone",
"OK"
)
)Voeg ook voorwaardelijke opmaak toe aan kolom I (netto%):
Regel 1: rood als netto% < 45%
Formule: =I3<0.45
Opmaak: rode achtergrond, witte tekst
Regel 2: oranje als netto% tussen 45% en 50%
Formule: =AND(I3>=0.45, I3<0.50)
Opmaak: oranje achtergrond
Regel 3: groen als netto% ≥ 50%
Formule: =I3>=0.50
Opmaak: groene achtergrondDit geeft directeur Van Ginkel in één oogopslag inzicht in welke salarisrondes het meest efficiënt zijn voor de medewerker netto — en bij welke verhogingen de afbouw van heffingskortingen een groot deel van het voordeel wegneemt.