Na twee jaar: de WIA

Arbeidswereld — deel 37

Bijna twee jaar na zijn ziekmelding krijgt Henk de brief waar hij al die tijd bang voor was geweest, en Majorieke leert wat er achter de poort ligt: twee deuren, een keuring, en een woord dat alles bepaalt.

Concepts

De twee jaar waren omgegaan zoals lange tijd altijd omgaat, traag en dan ineens voorbij. Henks rug was opgeknapt en weer ingezakt, een paar keer, in een golfbeweging die niemand had kunnen voorspellen. Spoor één was geprobeerd, eerlijk geprobeerd. Hij was teruggekomen voor lichter werk, halve dagen, een aangepast karretje, en het was een tijdje gegaan. En toen niet meer. Nu lag er een brief van het UWV op Majoriekes bureau, en ze wist wat erin stond voordat ze hem opende, want de klok die twee jaar geleden was begonnen, was bijna afgelopen.

Henk moest gekeurd worden. Voor de WIA.

Ze had de afkorting in haar loonjaar vaak voorbij zien komen, een premie op de strook, een regel in het systeem. Maar wat er werkelijk achter zat, voor een mens, dat had ze nooit van dichtbij gezien. Tot nu. Ze bracht de brief naar Willem, en voor het eerst voelde het niet als een leervraag. Het voelde als iets dat ze moest begrijpen omdat het Henk aanging.

Willem las de brief en knikte langzaam. Hij kende de gewichtigheid ervan.

"Daar is de poort," zei hij zacht. "Weet je nog, de poortwachter bewaakte hem. Twee jaar lang moesten Alex en Henk alles proberen om hem aan het werk te houden. Dat is gebeurd, en het is niet gelukt om hem helemaal terug te krijgen. Dus nu mag Henk door de poort. En aan de andere kant ligt de WIA."

"De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen," zei Majorieke, want die volledige naam was ze ergens tegengekomen.

"Precies die. En let op de naam, want hij vertelt je de hele gedachte. Het gaat niet om wat je niet meer kunt. Het gaat om wat je nog wél kunt: naar arbeidsvermogen. De wet kijkt naar het vermogen om te werken dat er nog is." Willem schoof de brief opzij. "Eerst het toegangskaartje. Wanneer mag je überhaupt door die poort? Daar zit een drempel, en de eerste is er een die je al kent. Je moet twee jaar ziek zijn geweest. Honderdvier weken onafgebroken. Dat heet de wachttijd. Je moet eerst die hele periode hebben afgewacht voordat je aan de WIA toekomt."

"De wachttijd is dus die twee jaar."

"Dat is precies hetzelfde getal, ja, en dat is geen toeval. De loondoorbetaling en de wachttijd lopen samen op. Twee jaar loon doorbetalen, twee jaar wachttijd, en dan de keuring. Bij Henk is dat netjes twee jaar geweest, zonder gedoe ertussen." Willem hield even in. "Er bestaat trouwens een situatie waarin die loondoorbetaling langer duurt dan twee jaar. Als het UWV vindt dat een werkgever te weinig heeft gedaan aan de terugkeer, kan het een loonsanctie opleggen: dan moet de werkgever een jaar langer loon doorbetalen, als straf. Maar dat speelt bij Henk niet. Alex heeft alles netjes gedaan. Voor Henk zijn het gewoon twee jaar, en nu komt de keuring."

"En de wachttijd zelf, is die altijd precies twee jaar?"

"Meestal wel, maar niet altijd." Willem knikte. "Soms vinden werkgever en werknemer samen dat er een goede kans op herstel is en willen ze nog even doorgaan met re-integreren. Dan kunnen ze de wachttijd op verzoek verlengen. Ze stellen de keuring uit, in de hoop dat het herstel doorzet en de WIA helemaal niet nodig is. Dat heet een verlengde wachttijd. Voor Henk speelt dat niet meer, zijn twee jaar zijn echt op. Maar onthoud dat het kan: de wachttijd is meestal twee jaar, op verzoek soms langer."

Majorieke schreef. *Wachttijd = 2 jaar. Soms verlengd op verzoek.* "En als je die twee jaar hebt afgewacht, dan krijg je gewoon WIA?"

"Niet zomaar. Er zijn een paar gevallen waarin het niet doorgaat, ook al ben je twee jaar ziek geweest." Willem zei het voorzichtig. "Die noem ik je alleen even, want ze zijn zeldzaam en ze gelden voor Henk niet. Stel dat iemand zijn ziekte met opzet heeft veroorzaakt, expres, om de uitkering te krijgen. Dan kan de WIA worden geweigerd. Dat soort uitzonderingen heet uitsluitingsgronden: situaties waarin je, ondanks alles, toch geen recht krijgt. Voor Henk speelt geen van die dingen. Zijn rug is gewoon een rug die het heeft begeven na twintig jaar tillen. Hij komt door de poort."

"Goed," zei Majorieke, en ze merkte dat ze opgelucht was, alsof het háár keuring was. "En dan?"

"En dan komt het hart van de WIA. Achter die ene poort zitten namelijk twee deuren." Willem hield twee handen op, ver uit elkaar. "Welke deur Henk doorgaat, hangt af van één vraag: hoe erg is het, en is het blijvend. De keuringsarts van het UWV beoordeelt dat. En afhankelijk van wat eruit komt, gaat Henk door de ene of de andere deur. Ze hebben allebei een naam van drie letters, en het is belangrijk dat je ze uit elkaar houdt."

Hij tikte op zijn linkerhand. "De eerste deur is voor de zwaarste gevallen. Iemand die bijna helemaal niet meer kan werken, én van wie de artsen zeggen: dit gaat niet meer beter worden. Het is blijvend. Voor die mensen is er de zwaarste vorm, de IVA, spreek het uit als ie-vee-aa. Daar zit het idee in: jij hoeft niet meer te proberen. We verwachten geen herstel, dus we vragen niet van je dat je weer aan het werk gaat. Je krijgt rust, en een uitkering die wat hoger is dan de andere, juist omdat er geen werk meer van je gevraagd wordt."

"Hoger," zei Majorieke, en ze vulde het bijna zelf in, want ze had het patroon net bij Driss geleerd en het lag voor in haar mond. "Zeventig procent, en twee jaar, net als de Ziektewet en de loondoorbetaling."

Willem schudde langzaam zijn hoofd, niet afkeurend. "Bijna. Maar hier zit 'm net het verschil, en het is geen detail. Bij ziekte zonder uitzicht is het juist níét zeventig en niet twee jaar." Hij tikte op zijn linkerhand. "Vijfenzeventig procent. De IVA is vijfenzeventig procent van het dagloon, en die loopt door zolang de situatie duurt, voor onbepaalde tijd. Net omdat er geen herstel meer wordt verwacht, geen klok van twee jaar, geen werk dat nog gevraagd wordt." Hij keek haar aan. "Het lijkt op wat je kent, maar het is het net niet. Vergelijk het zo meteen met de andere deur, dan zie je het. En onthoud bij de IVA twee woorden: zwaar én blijvend. Allebei moeten ze gelden. Bijna niet meer kunnen werken, en geen uitzicht op herstel."

Majorieke schreef het verbeterd op, en het bleef even bij haar hangen, dat ze het patroon te snel had losgelaten op iets wat er alleen maar op leek. Vroeger zou ze gedacht hebben dat ze het gewoon niet snapte. Nu wist ze iets preciezers: ze had twee dingen die op elkaar leken naast elkaar gelegd en aangenomen dat ze gelijk waren, en dat waren ze net niet.

Majorieke schreef. *IVA = zwaar + blijvend. 75% dagloon. Geen werkplicht.* Ze dacht aan Henk en hoopte heel even, tegen beter weten in, dat hij híer niet onder zou vallen, want zwaar en blijvend klonk als opgeven. En ze dacht, terzijde, dat zijn pensioen tenminste niet stillag al die tijd, dat het fonds bleef opbouwen over dat stukje loon boven de franchise dat ze ooit met Willem had uitgerekend, ook nu hij niets meer verdiende.

"En de andere deur?" vroeg ze.

"De tweede deur is voor iedereen die er tussenin zit." Willem tikte op zijn rechterhand. "Iemand die gedeeltelijk arbeidsongeschikt is, dus nog wel wat kan, of iemand die wel ernstig ziek is maar bij wie de artsen denken: dit kán nog beter worden, het is niet blijvend. Al moet er wel een ondergrens overheen, voeg ik er meteen aan toe, want onder de vijfendertig procent arbeidsongeschikt kom je helemaal niet binnen: dan kun je nog genoeg verdienen en is er geen uitkering. Pas vanaf vijfendertig procent gaat deze deur voor je open. Voor die hele groep daarboven is er de WGA, spreek het uit als wee-gee-aa. En de gedachte daar is het tegenovergestelde van de IVA. Hier zegt de wet: jij kunt nog iets, dus we verwachten dat je dat ook benut. Werken naar vermogen. De WGA is gericht op werken: wat je nog kunt, dat doe je, en de uitkering vult aan."

"En de hoogte?"

"Lager dan de IVA, en het hangt af van of je werkt. Het komt erop neer dat je samen met je werk tot ongeveer zeventig procent van je oude loon komt als je goed meewerkt. Werk je niet of te weinig, dan zakt het verder. De precieze percentages zet ik in de oefening, want die zijn fijn en juist daar moet je ze kennen. Maar de geest is: de WGA beloont werken. Hoe meer je benut van wat je nog kunt, hoe beter je eraf komt." Willem keek haar even aan. "En daar zit ook een addertje dat veel mensen overvalt. De WGA begint met een uitkering die op je oude loon lijkt, maar na een tijd zakt die terug naar een lager niveau, gebaseerd op het minimumloon. Voor wie altijd goed verdiende, is dat een flinke val. Dat zet ik er voor je bij."

Majorieke schreef. *WGA = gedeeltelijk OF niet blijvend. Gericht op werken. Lager dan IVA, en zakt later terug.* Ze legde haar pen neer. "Dus voor Henk hangt alles af van die ene keuring. Is het zwaar en blijvend, dan IVA en rust. Is het minder, of nog te repareren, dan WGA en doorwerken naar vermogen."

"Zo is het. En voor Henk, met zijn leeftijd en een rug die af en aan gaat, kan het allebei kanten op. Dat weten we pas na de keuring." Willem zei het eerlijk. "Maar er is nog iets wat de duur van de WGA bepaalt, en dat ken je half al, want het lijkt op iets van de werkloosheid. De eerste, betere fase van de WGA duurt langer naarmate je langer hebt gewerkt in je leven. Je arbeidsverleden, het aantal jaren dat je hebt gewerkt, bepaalt hoe lang die goede fase duurt voordat hij terugzakt. Henk heeft een lang arbeidsverleden, dus die fase is voor hem aan de lange kant. Dat is dan weer in zijn voordeel."

"Arbeidsverleden," herhaalde Majorieke, en ze knoopte het vast aan iets wat ze voelde aankomen, ergens verderop in dit boek, bij de werkloosheid. "Hoe langer je hebt gewerkt, hoe langer de goede fase."

"Precies. Een leven van werken telt mee. Dat is wel zo eerlijk." Willem leunde achterover. "Er hangt nog een paar dingen omheen, maar ik ga ze niet allemaal tegelijk op je afvuren. Eentje per keer, rustig. Je herkent ze toch al, want ze kwamen bij de Ziektewet ook langs."

Hij hield één vinger op. "Het eerste. Stel dat Henk in de WIA zit en er daarnaast nog wat bij verdient. Dan wordt dat verrekend met zijn uitkering, net als bij de Ziektewet. Verdienen mag, maar het wordt verrekend. Meer niet."

Majorieke knikte en schreef het op. *Bijverdienen wordt verrekend.* Eén ding.

"Het tweede." Een tweede vinger. "Valt zijn uitkering te laag uit om van te leven, dan vult de Toeslagenwet weer aan tot het sociaal minimum. Die ken je nu. Hetzelfde bodempje als overal, ook hier."

"De Toeslagenwet weer," zei Majorieke. "Die blijft terugkomen."

"Die blijft terugkomen, ja. Het is overal dezelfde bodem." Willem hief een derde vinger. "Het derde. Henks toestand kan veranderen. Wordt hij zieker, of juist beter, dan keurt het UWV opnieuw en past de uitkering aan. Dat heet een herziening. De uitkering wordt herzien als de situatie verandert. Niets meer dan dat woord: herziening, bij verandering."

"Dus het ligt niet voor altijd vast."

"Nee, en dat is meteen het vierde." Hij liet zijn hand zakken en zei het rustig, één gedachte. "Een WGA kan stoppen als Henk weer voldoende herstelt. Maar valt hij later toch weer terug, dan kan de uitkering herleven, weer tot leven komen. Stoppen en herleven, twee kanten van dezelfde munt."

Hij liet het even bezinken voor hij verderging. "En dan zijn er nog twee oude bekenden, en die noem ik alleen omdat je ze al kent van de Ziektewet, niet omdat ze nieuw zijn. Een werkgever kan ook voor de WGA eigenrisicodrager zijn: zelf het risico dragen en zelf betalen in plaats van premie afdragen. Voor een klein bedrijf als VGS te link, dat weet je nog." Hij wachtte even. "En als iemands arbeidsongeschiktheid de schuld is van een ander, kan die schade op de veroorzaker worden verhaald. Verhaalsrecht. Precies zoals bij de Ziektewet, een laag hoger. Allemaal dezelfde gedachten, die nu gewoon weer langskomen."

Majorieke keek naar haar blad, dat vol stond, en toch voelde het niet als te veel, omdat het er stuk voor stuk op was gekomen en niet in één keer. Verrekening. Toeslagenwet. Herziening. Stoppen en herleven. Eigenrisicodrager en verhaalsrecht, de twee oude bekenden. Het nieuwe, het echt nieuwe, waren die twee deuren. IVA en WGA. Zwaar en blijvend tegenover gedeeltelijk of nog te repareren. Daar draaide alles om.

Willem zag haar kijken en tikte met zijn pen op de twee deuren die hij eerder had getekend. "Als alles wegvalt en je houdt drie dingen over," zei hij, "houd dan deze. Eén: de poort gaat open na twee jaar wachttijd. Twee: daarachter twee deuren, de IVA voor wie zwaar én blijvend ziek is, de WGA voor wie nog iets kan. Drie: de IVA geeft rust en een hoger bedrag, de WGA beloont werken. De rest hangt daar vanzelf aan."

Ze schreef de drie regels onder elkaar, en ze merkte dat het klopte. De poort. De twee deuren. Rust tegenover werken. Daaromheen kon ze de rest ophangen.

"Wanneer is de keuring?" vroeg ze.

"Volgende maand." Willem keek haar aan, en zijn stem werd zacht. "En dan weten we het. Of Henk de IVA in gaat, en met rust gelaten wordt, of de WGA, en moet blijven proberen wat hij nog kan. Geen van beide is licht. Maar wat het ook wordt, hij valt niet. Er is een uitkering. Dat is wat al die termen samen betekenen, voor een mens van vlees en bloed."

Ze nam de brief mee terug. Ze zou Henk bellen, want dat was ze blijven doen, al die twee jaar, en ze wist dat hij bang was voor de keuring zoals je bang bent voor een examen waarvan de uitslag je leven bepaalt. Ze kon hem niet vertellen wat eruit zou komen. Maar ze kon hem wel vertellen, eerlijk en zonder mooie beloftes, dat er aan de andere kant van die poort iets stond te wachten. Niet zijn oude leven. Maar ook niet de afgrond waar hij twee jaar geleden bang voor was geweest. Een vangnet, met twee deuren, en achter allebei een grond om op te staan.

Dit hoofdstuk bevat een hands-on missie met live lab en opdracht-verificatie voor cursushouders.

Bekijk de cursus en koop toegang