Pensioenwetgeving en het nieuwe stelsel
Module 3 — Sociale Zekerheid
Drie pijlers, Wet toekomst pensioenen (Wtp), uitvoerders en de overgang naar DC
Concepts
Pensioenstelsel: de drie pijlers
Karin bij VGS weet dat haar medewerkers een pensioenregeling hebben via het pensioenfonds. Maar wat is de basis? En wat is er veranderd met de Wet toekomst pensioenen (Wtp) van 2023?
Pijler 1 — AOW | Volksverzekering
Opgebouwd via het wonen en werken in Nederland
Gefinancierd via omslag (huidige werkenden betalen voor huidige gepensioneerden)
AOW-leeftijd 2026: 67 jaar
Hoogte: afhankelijk van opgebouwde jaren (2% per jaar, max 50 jaar)
Uitvoerder: SVB
---
Pijler 2 — Aanvullend pensioen | Via werkgever
Pensioenopbouw via de werkgever (en soms het bedrijfstakpensioenfonds)
Premieovereenkomst (DC) of vroeger uitkeringsovereenkomst (DB)
Pensioenregeling verplicht gesteld via cao of BPF-verplichtstelling
Wet toekomst pensioenen (Wtp) regelt de overgangsperiode (2023-2028)
---
Pijler 3 — Eigen pensioensparen | Individueel
Lijfrente, banksparen, koopsompolissen, beleggingsrekeningen
Fiscaal gefaciliteerd via jaarruimte en reserveringsruimte
Individueel, vrijwillig, aanvullend op pijler 1 en 2
Uitvoerder: bank, verzekeraar, beleggingsondernemingWet toekomst pensioenen (Wtp) 2023
De Wtp is de grootste herziening van het pensioenstelsel in decennia. In 2023 is de wet aangenomen; de overgangsperiode loopt tot 2028.
WET TOEKOMST PENSIOENEN (WTP) — HOOFDLIJNEN
Aanleiding:
Het oude systeem (uitkeringsovereenkomst/DB):
- Beloofde een vaste uitkering op pensioendatum
- Afhankelijk van gemiddelde beleggingsrendementen van het fonds
- Bij slechte beleggingen: kortingen op opgebouwde rechten (dekkingsgraad)
- Weinig transparantie: men wist niet "van wie" welk bedrag was
Probleem: jongere werknemers betaalden mee voor oudere rechten
(doorsneepremie → deels solidariteitstransfer)
Nieuwe systeem (premieovereenkomst/DC):
Elke deelnemer krijgt een individueel pensioenvermogen
Premie-inleg staat vast (kostendekkende premie)
Beleggingsrendement staat niet vast — risico ligt bij deelnemer
Twee nieuwe contractvormen:
1. Flexibele premieregeling: individueel pensioenvermogen
2. Solidaire premieregeling: collectief met solidariteitsbuffer
Overgangsperiode 2023-2028:
Fondsen mogen tot 2028 de overgang maken
"Invaren": bestaande opgebouwde rechten worden omgezet naar nieuwe stelsel
Niet alle fondsen hoeven over te gaan (kleine BPF kunnen uitstel vragen)
Individuele werknemers kunnen bezwaar maken tegen invaren> EXAMTIP: De Wtp (2023) regelt de overgang van uitkeringsovereenkomst (DB — defined benefit) naar premieovereenkomst (DC — defined contribution). Bij DB stond de uitkering vast; bij DC staat de premie vast en varieert de uitkering met het beleggingsresultaat. Dit onderscheid is cruciaal op niveau 4.
Soorten pensioen
SOORTEN PENSIOEN BINNEN PIJLER 2
Ouderdomspensioen:
Het hoofdpensioen: uitkering na pensioendatum (AOW-leeftijd of eerder)
Klassiek: levenslang op basis van eindloon of middelloon (DB)
Nieuw (Wtp): op basis van persoonlijk vermogen (DC)
Nabestaandenpensioen:
Uitkering voor partner en kinderen bij overlijden deelnemer (ook voor pensioendatum)
Twee varianten:
Op risicobasis: alleen verzekerd zolang deelnemer actief deelneemt
Op kapitaalbasis: opgebouwd vermogen (ook na ontslag beschikbaar)
Wtp: nabestaandenpensioen voor pensioendatum altijd op risicobasis
(kapitaalbasis niet meer voor actieve deelnemersfase)
Arbeidsongeschiktheidspensioen / Premievrijstelling bij AO:
Als deelnemer arbeidsongeschikt wordt: premie-inleg stopt normaal
Premievrijstelling: verzekeraar/fonds betaalt de premie door namens de WN
Pensioenopbouw loopt door, werknemer hoeft geen premie te betalen
Dit is eigenlijk een verzekering verpakt in de pensioenregelingPensioenuitvoerders: wie voert pijler 2 uit?
BPF — Bedrijfstakpensioenfonds | Sectorbreed verplicht
Fonds voor een hele bedrijfstak (bijv. PME voor metaalelektrisch, ABP voor overheid)
Verplichtstelling door minister: alle werkgevers in de sector moeten meedoen
VGS is aangesloten bij bedrijfstakpensioenfonds IT (hypothetisch)
Geen keuze — wettelijk verplicht als cao dat regelt
---
OPF — Ondernemingspensioenfonds | Bedrijfsspecifiek
Eigen pensioenfonds van één grote onderneming (bijv. Shell, ABN AMRO)
Eigen bestuur, eigen regeling, eigen beleggingen
Alleen voor (grote) bedrijven die eigen fonds kunnen financieren
---
PPI — Premiepensioeninstelling | Alleen DC
Specifieke uitvoerder voor premieovereenkomsten (DC/individueel)
Geen garanties, lager kostenniveau, beleggingen separaat
Relatief nieuw type uitvoerder, minder toezichtscapaciteit
---
Verzekeraar | Individuele polissen
Collectieve pensioencontracten voor kleine werkgevers
Hogere kosten dan pensioenfondsen
Meer maatwerk mogelijk
Garantieproducten (met gegarandeerde uitkering) bij verzekeraars> EXAMTIP: BPF (bedrijfstakpensioenfonds) is verplicht voor werkgevers in de betrokken sector via een ministeriële verplichtstelling. Een werkgever in de verplichtgestelde sector kan hier NIET omheen — ook als hij geen lid is van de werkgeversorganisatie die het fonds heeft opgericht.
Waardeoverdracht
WAARDEOVERDRACHT
Wat is het?
Als een werknemer van werkgever wisselt, kan hij zijn opgebouwde
pensioenrechten meenemen naar de nieuwe pensioenuitvoerder.
(Art. 71 e.v. Pensioenwet)
Werkwijze:
Werknemer verzoekt tot waardeoverdracht (binnen bepaalde termijn)
Ontvangende uitvoerder berekent de actuariële waarde
Overdragende uitvoerder draagt het kapitaal over
Rechten worden omgezet naar de nieuwe regeling
Voordelen:
Pensioen is overzichtelijker (alles bij één uitvoerder)
Geen slapersrechten verspreid over meerdere fondsen
Nadelen:
Bij veroordeling (lage dekkingsgraad overdragende fonds):
minder rechten dan nominaal overgedragen
Soms niet voordelig bij overgang DB → DC
Kleine pensioenen (afkoop):
Pensioenen kleiner dan € 592,51 (2026, bruto per jaar) mogen worden
afgekocht bij uitdiensttreding (met instemming werknemer)Wet verbeterde premieregeling en variabel pensioen
WET VERBETERDE PREMIEREGELING (2016 → OPGEGAAN IN WTP)
Context: voor de Wtp was er al de "verbeterde premieregeling"
die doorsparen na pensioendatum toestond.
Variabel pensioen (na Wtp):
Deelnemer kan bij pensioendatum kiezen:
1. Vaste uitkering (annuïteit — verzekeraar garandeert)
2. Variabele uitkering (afhankelijk van beleggingen — meer potentieel rendement)
3. Combinatie
Risico bij variabele uitkering: uitkering kan stijgen of dalen
Solidariteitsbuffer (bij solidaire premieregeling): dempt schommelingen
VGS-context:
VGS is aangesloten bij het BPF IT (fictief).
Het BPF IT maakt de overgang naar het nieuwe stelsel vóór 2028.
Karin informeert medewerkers over de overgang en de gevolgen voor
hun pensioenopbouw.Missie
STORY: Karin bereidt een pensioeninformatiesessie voor voor alle VGS-medewerkers. Ze maakt een overzicht van het pensioenstelsel, de huidige VGS-regeling bij het BPF IT, de overgangsperiode Wtp, en de gevolgen voor de medewerkers. Ze maakt een informatiedocument en een eenvoudige pensioenopbouwberekening in Excel.
Stap 1 — Stel het pensioenoverzicht op voor VGS
PENSIOENOVERZICHT VGS — DRIE PIJLERS
Medewerker Ahmed, 43 jaar, jaarsalaris € 38.880:
PIJLER 1: AOW (SVB)
Opgebouwde jaren (43 - 18 = 25 jaar in NL wonen/werken): 25 jaar
Percentage: 25 × 2% = 50%
Nog op te bouwen tot AOW-leeftijd (67 - 43 = 24 jaar): 24 jaar
AOW % op 67 jaar: min(50+48, 100) = 98%
Indicatieve AOW (alleenstaand 2026): € 1.413 × 98% ≈ € 1.385/mnd
PIJLER 2: BPF IT-pensioen
Opgebouwde rechten (DC-stelsel na invaren):
Huidige pensioenvermogen: afhankelijk van inleg + rendement
Jaarlijkse premie-inleg: zie ch03i (pensioengrondslag)
PIJLER 3: Eigen sparen
Ahmed spaart via banksparen: € 100/mnd
Totaal na 24 jaar (bij 3% rendement): ca. € 42.000 extra
Totaal geschat pensioeninkomen op 67: € 1.385 + pensioenpijler 2 + pijler 3Stap 2 — Maak de WTP-tijdlijn voor het BPF IT
WTP-OVERGANGSTIJDLIJN BPF IT (FICTIEF)
2023: Wtp aangenomen door parlement
2024: BPF IT start traject: analyse oude rechten, actuariële berekeningen
2025: Communicatie naar deelnemers: wat verandert er?
2026: Invarenbesluit (deelnemers kunnen bezwaar maken)
2027: Technische overgang: omzetten opgebouwde rechten naar DC
2028: Deadline — uiterste datum voor overgang alle fondsen
Wat verandert voor Ahmed?
VOOR Wtp: opgebouwde rechten zijn nominaal vastgesteld (DB/middelloon)
NA invaren: opgebouwde rechten worden DC-vermogen (waarde op invarendatum)
→ Kans op meer rendement bij goed beleggingsklimaat
→ Risico op lager pensioen bij slechte beleggingen
→ Geen directe pensioenkortingen meer door dekkingsgraadsystematiekStap 3 — Uitlegsheet voor de medewerkerssessie
UITLEGSHEET: WAT VERANDERT VOOR U? (MEDEWERKERS VGS)
Vraag: Wordt mijn pensioen lager door de Wtp?
Antwoord:
Niet per definitie. Uw opgebouwde rechten worden omgezet naar
een persoonlijk pensioenvermogen. Of dat uiteindelijk meer of minder
oplevert dan het oude systeem, hangt af van de beleggingsrendementen.
Bij goed rendement: meer pensioen. Bij slecht rendement: minder.
Er is een solidariteitsbuffer die grote schommelingen dempt.
Vraag: Verlies ik mijn opgebouwde rechten?
Antwoord:
Nee. De opgebouwde rechten worden "ingevaren" — omgezet naar DC.
De actuariële waarde op de invarendatum bepaalt uw startkapitaal.
U kunt bezwaar maken als u denkt dat de omzetting niet eerlijk is.
Vraag: Wat als ik bezwaar maak tegen invaren?
Antwoord:
U kunt schriftelijk bezwaar indienen bij het fonds.
Het fonds en de rechter beoordelen of het invaren rechtmatig is.
Individueel bezwaar stopt het invaren doorgaans niet — het is een
collectief besluit. Wel kunt u schadevergoeding vorderen als de
omzetting aantoonbaar nadelig voor u is uitgepakt.Stap 4 — Eenvoudige pensioenopbouw-check in Excel
EXCEL PENSIOENOPBOUW-CHECK (ILLUSTRATIEF, NIET ADVIES)
Kolom A: Medewerker
Kolom B: Geboortejaar
Kolom C: AOW-leeftijd (standaard 67 — kan aanpassen)
Kolom D: Nog te werken jaren (=C-JAAR(VANDAAG())+B)
Kolom E: Huidige pensioengevend jaarsalaris (handmatig)
Kolom F: Pensioengrondslag (=E - franchise; franchise ca. € 17.306 in 2026)
Kolom G: Jaarlijkse premie-inleg (=F × premiepct; bijv. 18%)
Kolom H: Geschatte AOW op 67 (=opbouwjaren × 2% × AOW-basisbedrag)
Kolom I: Vervangingspercentage (doel: 70% van eindloon)
Kolom J: Tekort/overschot (indicatief — vereenvoudigd)
Disclaimer:
"Dit overzicht is uitsluitend indicatief. Voor een exacte
pensioenberekening raadpleeg uw pensioenfonds of pensioensadviseur."Sla op als `VGS_pensioenwetgeving_Wtp_sessie_2026.xlsx`.