Werkloosheidswet

Module 5 — Werkloosheid

Referte-eis, arbeidsverledeneis, uitkeringsduur, fictieve opzegtermijn en loongarantie

Concepts

Wanneer heb je recht op WW? — de toegangspoorten

Op niveau 4 gaat het niet alleen om de basisregels van de WW — je moet de exact juiste wekeneis, jareneis en de berekening van arbeidsverleden kennen. Karin bij VGS begeleidt Jurgen bij zijn WW-aanvraag.

WW-TOEGANGSPOORTEN — TWEE EISEN

EIS 1: DE WEKENEIS (referte-eis, art. 17 WW)
  In de 36 weken vóór de eerste werkloosheidsdag:
  minimaal 26 weken gewerkt (= minstens 1 uur per week)

  Wat telt mee als "gewerkt"?
    Gewerkte weken als werknemer
    Weken met loondoorbetaling bij ziekte (WG betaalt → telt mee)
    Weken geboorteverlof / adoptieverlof (als loon ontvangen)
    Weken zwangerschapsverlof tellen ook mee

  Wat telt NIET mee?
    WW-weken zelf (je kunt geen WW opbouwen tijdens WW)
    Zelfstandig ondernemersjaren (tenzij aparte dienstbetrekking)

  Gevolg wekeneis OK (maar geen jareneis):
    Recht op WW van 3 maanden (basisuitkering)

EIS 2: DE JARENEIS (art. 42 lid 1 WW) — voor langere WW
  In de 10 jaar vóór de eerste werkloosheidsdag:
  minimaal 5 van de 10 kalenderjaren: minimaal 208 uur gewerkt
  (208 uur = ca. 26 weken × 8 uur of equivalent)

  WW-duur op basis van jareneis:
  Elk jaar dat voldoet aan 208 uur-eis: 1 maand WW
  Maximum: 24 maanden WW (bij 24 of meer jaren arbeidsverleden)
  Minimum: 3 maanden (wekeneis OK maar jareneis net niet gehaald)

> EXAMTIP: De wekeneis is 26 van 36 weken — dit geeft recht op 3 maanden WW. De jareneis (5 van 10 jaar, 208 uur/jaar) geeft recht op langere WW: 1 maand per gewerkt jaar, maximaal 24 maanden. Dit onderscheid wordt regelmatig getoetst.

Arbeidsverledenberekening: pre-1998 en post-1998

Op niveau 4 moet je het arbeidsverleden correct kunnen berekenen, inclusief de pre-1998 periode.

ARBEIDSVERLEDENBEREKENING (ART. 42 WW)

Arbeidsverleden bestaat uit twee periodes:

Post-1998 arbeidsverleden (1 januari 1998 t/m eerste werkloosheidsdag):
  Elk kalenderjaar met ≥ 208 gewerkte uren telt als 1 jaar
  Maximaal te tellen: 26 jaren (1998-2024 = 26 jaar)

Pre-1998 arbeidsverleden (vóór 1 januari 1998):
  Bijzondere regel: de periode van 1e werkdag tot 1 januari 1998
  Elk pre-1998 jaar telt voor 0,5 jaar mee (halvering!)
  Maximum: 26 × 0,5 = 13 jaar maximale bijdrage van pre-1998 periode

Totaal maximaal arbeidsverleden: 26 (post) + 13 (pre) = 39 → afgerond max 24 maanden WW
  (het absolute maximum is 24 maanden — rekenkundig maximum doet er niet toe)

VOORBEELD AHMED (44 jaar, eerste werkloosheidsdag 1 juni 2026):
  Begon met werken: 1 september 2002 (24 jaar arbeidsverleden)
  Pre-1998 periode: geen (Ahmed begon na 1998)
  Post-1998 periode: 2002-2025 = maximaal 24 volledige jaren
    (2026 telt niet mee → pas afgelopen als er 208 uur in gewerkt zijn)
    Aanname: alle jaren ≥ 208 uur → 24 gewerkte jaren

  WW-duur Ahmed: 24 maanden (maximum)

VOORBEELD OUDERE MEDEWERKER (59 jaar, 1 juni 2026 werkloos):
  Begon: 1 september 1984
  Pre-1998 periode: 1984 – 1997 = 13,3 jaar → × 0,5 = 6,65 jaar → afgerond 7 jaar
  Post-1998 periode: 1998-2025 = 27 jaar → max toepasselijk: 26 jr
    Maar max WW = 24 maanden, dus:
  Totaal: 7 + 26 = 33 jaar → gemaximeerd op 24 maanden WW

Hoogte WW-uitkering

HOOGTE WW-UITKERING

Eerste 2 maanden: 75% van het (gemaximeerde) dagloon
Daarna: 70% van het (gemaximeerde) dagloon

Maximumdagloon 2026: € 282,44

Dagloonberekening:
  SV-loon in de referteperiode (52 wkn voor werkloosheidsdag) / 261

Voorbeeld Ahmed (dagloon € 158,16 — zie ch03g):
  Eerste 2 maanden: 75% × € 158,16 = € 118,62/dag = € 2.580/mnd
  Daarna: 70% × € 158,16 = € 110,71/dag = € 2.408/mnd

Verrekening met inkomen uit werk:
  Als Ahmed bijverdient: inkomen verrekend met WW
  Eerste 2 maanden: 70% van inkomen ingehouden op WW
    (30% mag Ahmed zelf houden als prikkel om te gaan werken)
  Daarna: 70% van inkomen
  Bij volledig herstel van loon: WW stopt automatisch

Fictieve opzegtermijn

Dit is een belangrijk niveau-4-onderscheid dat op ASZ3 niet uitgebreid aan bod komt.

FICTIEVE OPZEGTERMIJN (ART. 16 LID 3 WW)

Probleem:
  Als werkgever te kort of geen opzegtermijn in acht neemt
  (bijv. ontslag op staande voet, VSO met directe beëindiging),
  zou de werknemer onmiddellijk WW kunnen aanvragen.
  Maar de werkgever "bespaart" dan een deel van de opzegtermijn.

Oplossing: fictieve opzegtermijn
  WW start pas NADAT de geldende opzegtermijn fictief is verstreken
  De fictieve termijn = de opzegtermijn die had moeten gelden

Hoe lang is de opzegtermijn?
  Wettelijke opzegtermijn werknemer: 1 maand
  Wettelijke opzegtermijn werkgever (afhankelijk dienstjaren):
    < 5 jaar: 1 maand
    5-10 jaar: 2 maanden
    10-15 jaar: 3 maanden
    ≥ 15 jaar: 4 maanden

Voorbeeld Jurgen (2 jaar in dienst, opzegtermijn WG: 1 maand):
  Contract eindigt per direct (VSO, geen opzegtermijn):
  WW start pas 1 maand na einde dienstverband (fictieve termijn)
  Gedurende die maand: Jurgen heeft geen WW-recht (fictieve termijn loopt)

Uitzondering:
  Als VGS wel de juiste opzegtermijn in acht neemt: geen fictieve termijn
  Als VSO transitievergoeding bevat EN correcte opzegtermijn: geen fictieve termijn

> EXAMTIP: De fictieve opzegtermijn verschuift de WW-startdatum. Als een werkgever geen of een te korte opzegtermijn hanteert, loopt de WW pas na afloop van de fictieve termijn. Dit geldt ook bij een vaststellingsovereenkomst (VSO) met een directe beëindiging zonder juiste opzegtermijn.

Verplichtingen WW-gerechtigde

VERPLICHTINGEN (ART. 24 WW)

1. Sollicitatieplicht: 4 sollicitaties per 4 weken aantonen
   UWV controleert dit periodiek (sollicitatiebewijzen)
   Niet naleven: waarschuwing → korting op WW → stopzetting

2. Passende arbeid accepteren:
   Eerste 26 weken WW: werk op eigen niveau is passend
   26-52 weken: niveau 1 functiegroep lager is passend
   Na 52 weken: nog ruimere definitie passend (aanmerkelijke loonsdaling kan)
   Weigering passend werk: WW wordt gekort of gestopt

3. Inkomen melden:
   Alle inkomsten uit werk direct melden bij UWV
   Niet melden: terugvordering te veel ontvangen WW + boete (maatregel)

4. Beschikbaar zijn:
   Klaar staan voor bemiddeling en werk (niet op vakantie zonder melding)

5. Inschrijven als werkzoekende:
   Via werk.nl, direct na eerste werkloosheidsdag
   Inschrijving is vereiste voor WW-aanvraag

Uitsluitingsgronden

UITSLUITINGSGRONDEN WW (ART. 24 LID 2 WW)

WW wordt geweigerd als:
  1. Verwijtbare werkloosheid:
     Werknemer heeft zelf ontslag genomen (zonder dringende reden)
     Werknemer heeft ontslag op staande voet uitgelokt door eigen schuld
     Werknemer heeft ernstig verwijtbaar gehandeld → ontslag
     Gevolg: WW volledig geweigerd

  2. Weigering passende arbeid:
     Werknemer weigert een passende functie aan te nemen
     Gevolg: maatregel (tijdelijke of definitieve korting WW)

  3. Frauduleus handelen:
     Inkomsten niet gemeld, valse gegevens verstrekt
     Gevolg: terugvordering + maatregel (boete tot volledige terugvordering)

Grijze gevallen:
  Werknemer stemt in met VSO (vaststellingsovereenkomst) — werkloos?
  Antwoord: VSO is geen eigen ontslag nemen → WW mogelijk
  MAAR: als de werknemer zelf de aanleiding gaf (ernstig verwijtbaar) → toch weigering

Loongarantieregeling bij faillissement

LOONGARANTIEREGELING (ART. 61 WW) — VERDIEPING

Wanneer?
  Werkgever gaat failliet of krijgt surseance van betaling
  Werkgever kan zijn loonverplichtingen niet meer nakomen

Wat vergoedt UWV?
  1. Achterstallig loon: maximaal 13 weken vóór de faillissementsdatum
     Let op: 13 weken, niet 3 maanden (soms net iets anders door maandlengte)
  2. Vakantiegeld en vakantiedagen: over maximaal 1 jaar vóór faillissement
  3. Pensioenpremiebijdragen: over maximaal 1 jaar vóór faillissement

Maximum dagloon:
  Loongarantie gemaximeerd op maximumdagloon (€ 282,44)
  Hoogverdieners ontvangen dus niet het volledige loon

Procedure:
  1. Werknemer meldt zich bij UWV met bewijs faillissement (uitreksel curator)
  2. UWV neemt de loonverplichting over van de curator
  3. UWV vergoedt snel (doorgaans binnen enkele weken)
  4. UWV treedt daarna op als schuldeiser in de boedel (regres op curator)

Karin's actie bij faillissement VGS:
  Alle medewerkers direct informeren over de loongarantieregeling
  Iedereen aanmelden bij UWV
  Salarisoverzichten en arbeidsovereenkomsten bij de hand houden

Missie

STORY: Jurgen is werkloos geworden nadat zijn nulurencontract bij VGS is beëindigd. Karin helpt hem zijn WW-rechten berekenen en een tijdlijn opstellen van zijn verplichtingen. Ze maakt ook een vergelijkingsberekening voor het geval Jurgen bijverdient.

Stap 1 — Stel Jurgens WW-aanspraken vast

JURGEN — WW-BEREKENING

Eerste werkloosheidsdag: 1 april 2026
Contracten bij VGS:
  2024: 12 maanden voltijd → 208+ uur → telt als 1 jaar
  2025: 12 maanden voltijd → 208+ uur → telt als 1 jaar
  2026 Q1: 3 maanden voltijd → 480+ uur → telt als 1 jaar (≥208 uur)
Eerder arbeidsverleden (aanname): 3 jaar (2021-2023)
Totaal arbeidsverleden: 6 jaar (2021, 2022, 2023, 2024, 2025, Q1-2026)

Wekeneis:
  In 36 weken voor 1 april 2026: Jurgen werkte ~ 36 weken bij VGS
  36 weken ≥ 26 → VOLDAAN

Jareneis:
  6 jaren arbeidsverleden (≥ 5 jaren) → VOLDAAN

WW-duur: 6 maanden (6 jaar × 1 maand)
WW start: 1 april 2026 (geen fictieve opzegtermijn — contract afgelopen, geen VSO)
WW eindigt: 30 september 2026

Stap 2 — Bereken de WW-uitkering

WW-BEREKENING JURGEN

Referteperiode: 1 april 2025 – 31 maart 2026
SV-loon in referteperiode:
  Bruto maandloon: € 2.250
  ORT (gem): € 150/mnd
  SV-loon/mnd: € 2.400 (excl. vakantiegeld)
  Vakantiegeld (8%): € 2.400 × 8% = € 192/mnd (in mei uitbetaald → meerekenen)
  Totaal SV-loon/mnd incl. vak.g.: € 2.400 + € 192 = € 2.592
  Totaal SV-loon referteperiode: € 2.592 × 12 = € 31.104

Dagloon: € 31.104 / 261 = € 119,17

WW-uitkering:
  Mnd 1-2 (apr-mei 2026): 75% × € 119,17 = € 89,38/dag = € 1.944/mnd
  Mnd 3-6 (jun-sep 2026): 70% × € 119,17 = € 83,42/dag = € 1.814/mnd

Totale WW ontvangen (6 maanden):
  Mnd 1-2: 2 × € 1.944 = € 3.888
  Mnd 3-6: 4 × € 1.814 = € 7.256
  TOTAAL: € 11.144

Stap 3 — Bouw het Excel-WW-rekenschema

EXCEL WW-REKENSCHEMA JURGEN

Invoervelden:
  B3: Naam
  B4: Eerste werkloosheidsdag
  B5: SV-loon referteperiode (€ 31.104)
  B6: Arbeidsverleden in jaren (6)
  B7: Wekeneis voldaan? (JA/NEE)
  B8: Fictieve opzegtermijn in maanden (0 of aantal)

Berekeningen:
  B11: WW-start = B4 + (B8 × 30)  ← rekening houdend met fictieve termijn
  B12: Dagloon = B5/261
  B13: WW mnd 1-2 per dag = B12 × 75%
  B14: WW mnd 3+ per dag = B12 × 70%
  B15: WW per maand mnd 1-2 = B13 × 21,75
  B16: WW per maand mnd 3+ = B14 × 21,75
  B17: WW-duur = ALS(B7="NEE";0; ALS(B6>=5; MIN(B6;24); 3))
  B18: WW-einddatum = DATUM(JAAR(B11); MAAND(B11)+B17; DAG(B11))
  B19: Totale WW = B15×MIN(2;B17) + B16×MAX(0;B17-2)

Stap 4 — Bijverdiensten scenario

BIJVERDIENSTEN SCENARIO JURGEN (MAAND 1-2)

Stel: Jurgen vindt een tijdelijke klus en verdient € 800 bruto in week 1.

Verrekening mnd 1-2 (70% verrekend, 30% mag hij houden):
  Ingehouden op WW: € 800 × 70% = € 560
  Jurgen houdt: 30% van € 800 = € 240 (vrijgelaten als prikkel)
  WW die maand: € 1.944 − € 560 = € 1.384

Totaal inkomen Jurgen die maand:
  WW (na verrekening): € 1.384
  Bijverdienste (netto ca. € 672): + € 672
  Totaal: ± € 2.056 bruto (vs € 1.944 puur WW)
  → Bijverdienen loont!

Verplichtingen:
  ☐ Bijverdienste melden bij UWV (via MijnUWV)
  ☐ Inkomensverklaring invullen elke maand
  ☐ Bewijs arbeidsverleden bijhouden (voor controle jareneis)
  ☐ Sollicitatielogboek bijhouden (4 sollicitaties per 4 weken)

Sla op als `VGS_WW_berekening_Jurgen_2026.xlsx`.