Krediet- en Betalingstermijnen

Module 6 — Activiteitskengetallen

Debiteurensaldo en crediteurensaldo terugrekenen

Concepts

Activiteitskengetallen — overzicht

**Activiteitskengetallen** meten hoe efficiënt de onderneming haar activa en schulden beheert. In dit chapter focussen we op de krediettermijnen voor debiteuren en crediteuren.

Krediettermijn debiteuren | Gemiddeld aantal dagen dat klanten doen over het betalen van hun facturen
Krediettermijn crediteuren | Gemiddeld aantal dagen dat de onderneming doet over het betalen van leveranciers

Formules krediettermijnen

Krediettermijn debiteuren (KTD):
KTD = (Gemiddeld debiteurensaldo / Omzet inclusief btw*) × 365

*Opmerking: in veel examenvraagstukken wordt omzet exclusief btw gegeven.
Controleer of "omzet" incl. of excl. btw bedoeld is.
Op het PDB®-examen geldt: gebruik de gegeven omzetwaarde.

Voorbeeld Van Ginkel:
Debiteurensaldo = €185.000
Jaaromzet       = €2.400.000

KTD = (€185.000 / €2.400.000) × 365 = 28,1 dagen

→ Klanten betalen gemiddeld na 28 dagen.
Krediettermijn crediteuren (KTC):
KTC = (Gemiddeld crediteurensaldo / Jaarinkopen) × 365

Voorbeeld Van Ginkel:
Crediteurensaldo = €82.000
Jaarinkopen      = €1.700.000

KTC = (€82.000 / €1.700.000) × 365 = 17,6 dagen

→ Van Ginkel betaalt leveranciers gemiddeld na 18 dagen.

> EXAMTIP: Bij debiteurenkrediettermijn gebruik je OMZET als noemer. Bij crediteurenkrediettermijn gebruik je INKOPEN als noemer. Verwisseling is een veelgemaakte fout.

Terugrekenen — debiteurensaldo of omzet

Als KTD gegeven is en omzet gegeven → debiteurensaldo berekenen:
Debiteurensaldo = (KTD / 365) × Omzet

Voorbeeld:
KTD = 30 dagen, Omzet = €2.400.000
Debiteurensaldo = (30 / 365) × €2.400.000 = €197.260

Als KTD en debiteurensaldo gegeven → omzet berekenen:
Omzet = (Debiteurensaldo / KTD) × 365

Voorbeeld:
Debiteurensaldo = €185.000, KTD = 28 dagen
Omzet = (€185.000 / 28) × 365 = €2.412.500

Terugrekenen — crediteurensaldo of inkopen

Als KTC gegeven is en inkopen gegeven → crediteurensaldo berekenen:
Crediteurensaldo = (KTC / 365) × Inkopen

Voorbeeld:
KTC = 21 dagen, Inkopen = €1.700.000
Crediteurensaldo = (21 / 365) × €1.700.000 = €97.808

Als KTC en crediteurensaldo gegeven → inkopen berekenen:
Inkopen = (Crediteurensaldo / KTC) × 365

Voorbeeld:
Crediteurensaldo = €82.000, KTC = 18 dagen
Inkopen = (€82.000 / 18) × 365 = €1.662.778

Beoordeling krediettermijnen

Korte KTD (snelle betalende debiteuren):
→ Goed voor liquiditeit: geld komt snel binnen
→ Te kort kan klanten afschrikken

Lange KTD (langzame betalende debiteuren):
→ Slecht voor liquiditeit: geld ligt te lang bij klanten
→ Risico op oninbare debiteuren

KTC vs. KTD vergelijken:
→ KTD < KTC: gunstig (je ontvangt eerder dan je betaalt → positief voor liquiditeit)
→ KTD > KTC: ongunstig (je betaalt eerder dan je ontvangt → druk op liquiditeit)

> EXAMTIP: Ideaal: KTD < KTC. Dan financieren de leveranciers deels het klantenkrediet.

---

Dit hoofdstuk bevat een hands-on missie met live lab en opdracht-verificatie voor cursushouders.

Bekijk de cursus en koop toegang