Soorten dienstbetrekkingen

Module 2 — Dienstbetrekking & Loonheffingen

Echte, fictieve en bijzondere arbeidsrelaties — wie is verzekerd voor wat?

Concepts

De echte dienstbetrekking — drie cumulatieve vereisten

De **echte dienstbetrekking** is het fundament van de loonheffingen. Zonder echte dienstbetrekking is een werkgever in principe niet inhoudingsplichtig. De wet stelt drie cumulatieve vereisten: alle drie moeten aanwezig zijn.

Persoonlijk arbeid verrichten | vereiste 1
De werknemer moet de arbeid zelf verrichten
Vervanging door een derde is niet toegestaan (tenzij werkgever instemt)
Onderscheidt dienstbetrekking van een aannemingsovereenkomst
---
Loon ontvangen | vereiste 2
Er moet een tegenprestatie in geld of natura zijn
Een symbolische vergoeding kan al voldoende zijn
Geen loon = geen dienstbetrekking (bijv. pure mantelzorg)
---
Gezagsverhouding | vereiste 3
De werkgever heeft het recht aanwijzingen te geven over hoe, wanneer en waar
Niet noodzakelijk dat er voortdurend toezicht is — het recht volstaat
Dit is het meest onderscheidende criterium bij ZZP-discussies

Als alle drie vereisten aanwezig zijn, bestaat er een **echte dienstbetrekking** en gelden alle vier de loonheffingen: loonbelasting/premie volksverzekeringen (loonheffing), premies werknemersverzekeringen (WW, WIA) en de Zvw-bijdrage.

Het arbeidscontract kan voor **bepaalde** of **onbepaalde** tijd worden gesloten. Voor de loonheffingen maakt dit geen verschil: bij beide geldt volledige inhoudingsplicht.

> EXAMTIP: Het gezagscriterium is het sleutelbegrip bij schijnzelfstandigheid. Een ZZP-er die feitelijk aanwijzingen ontvangt van de opdrachtgever, dezelfde werktijden hanteert als de medewerkers, gebruik maakt van apparatuur van de opdrachtgever en uitsluitend voor die ene opdrachtgever werkt — vertoont tekenen van een echte dienstbetrekking. De Belastingdienst kan de arbeidsrelatie dan herkwalificeren als dienstbetrekking met naheffing als gevolg.

---

Bijzondere arbeidsrelaties — welke heffingen gelden?

Niet elke arbeidsverhouding is een echte dienstbetrekking. De wet kent ook **fictieve dienstbetrekkingen** (waarbij iemand voor de loonheffingen behandeld wordt alsof er een dienstbetrekking is) en arbeidsrelaties waarbij de inhoudingsplichtige een ander is dan de feitelijke opdrachtgever.

DGA — Directeur-grootaandeelhouder | bijzondere positie
Loonheffing (LB + PV): JA — altijd loonheffingplichtig
Werknemersverzekeringen (WW/WIA): NEE bij aandelenbelang > 5%
Zvw-bijdrage: JA — als gebruikelijk loon van toepassing
DGA met > 5% aandelen is géén werknemer voor de WW/WIA
Gebruikelijk loon 2026: minimaal €56.000 per jaar
---
Stagiaire | leerdoelstelling centraal
Loonheffing: NEE als stagevergoeding ≤ €600/maand (onbelaste vergoeding)
Loonheffing: JA als stagevergoeding > €600/maand
Werknemersverzekeringen: NEE — stagiaire is geen werknemer voor WW/WIA
Zvw-bijdrage: volgt de loonheffingsgrondslag
Toets altijd: staat leren of werken centraal?
---
Oproepkracht | wisselende arbeidsomvang
Loonheffing: JA — ook over oproepinkomen
Werknemersverzekeringen: JA — als er een min/max-contract of nul-urencontract is
Uitzondering: bij losse oproep zonder contractuele basis kan discussie ontstaan
Werkgever: de organisatie die oproept (niet het uitzendbureau)
---
Uitzendkracht | formeel werkgever = uitzendbureau
Loonheffing: JA — de inlener houdt geen loonheffing in
Werknemersverzekeringen: JA — onder het uitzend-CAO regime
Inhoudingsplichtige: het UITZENDBUREAU, niet de inlener
Inlener betaalt factuurbedrag aan uitzendbureau
Uitzendbureau draagt alle loonheffingen af
---
Payrollmedewerker | werkgever = payrollbedrijf
Loonheffing: JA — via het payrollbedrijf
Werknemersverzekeringen: JA — payrollbedrijf is de formele werkgever
Inlener stuurt de medewerker aan maar is GEEN werkgever
Payrollbedrijf draagt alle loonheffingen af
Payroll ≠ uitzendkracht (geen allocatiefunctie bij payroll)
---
Vrijwilliger | onbelaste vergoedingsgrenzen
Vergoeding ≤ €210/maand EN ≤ €2.100/jaar: ONBELAST, geen loonheffingen
Boven de grens: gehele vergoeding belast (niet alleen het meerdere!)
Loonheffing: NEE zolang binnen de grenzen
Werknemersverzekeringen: NEE
Thuiswerker — dienstverlening aan huis | particuliere opdrachtgever
Loonheffing: JA (fictieve dienstbetrekking als persoonlijk, voor loon, gezag)
WW/WIA: NEE bij ≤ 3 dagen/week voor dezelfde particulier
WW/WIA: JA bij > 3 dagen/week voor dezelfde particulier
Zvw-bijdrage: volgt de loonheffingsgrondslag
Voorbeelden: schoonmaakster, tuinier, oppas
---
Scholier/student — vakantiewerk | tijdelijk
Studentenregeling: tijdelijk contract met normale loonheffingen
Loonheffing: JA — geen bijzonder tarief voor vakantiewerkers
Werknemersverzekeringen: JA — als er een arbeidscontract is
Tip: gebruik loonheffingskorting als enige baan in de vakantie
---
AOW-gerechtigde werknemer | na AOW-leeftijd
Loonheffing: JA — loonbelasting gewoon van toepassing
Premie volksverzekeringen: VERLAAGD — geen AOW-premie meer (17,90% in 2026)
Werknemersverzekeringen: JA — WIA wel, WW in principe ook
Tariefschijf 1 (2026): 17,92% i.p.v. 35,82% (verschil = AOW-premie 17,90%)

> EXAMTIP: Uitzendkrachten en payrollmedewerkers hebben als formele werkgever het uitzendbureau respectievelijk het payrollbedrijf — niet de inlenende partij. De inlener betaalt het factuurbedrag, maar de loonheffingen worden ingehouden en afgedragen door het bureau. Dit is een veelgestelde examenvraag: wie is de inhoudingsplichtige?

---

ZZP versus dienstbetrekking — schijnzelfstandigheid

Een zelfstandige zonder personeel (ZZP-er) heeft geen dienstbetrekking en is dus niet onderworpen aan loonheffingen. De opdrachtgever is geen inhoudingsplichtige.

**Kenmerken van echte zelfstandigheid:**

  • Werkt voor meerdere opdrachtgevers
  • Heeft eigen materiaal en hulpmiddelen
  • Draagt zelf het ondernemersrisico
  • Bepaalt zelf hoe, wanneer en waar het werk wordt uitgevoerd
  • Geen gezagsverhouding met de opdrachtgever

**Wanneer dreigt schijnzelfstandigheid?**

Risicofactoren schijnzelfstandigheid:

1. Slechts één opdrachtgever (>90% van omzet)
2. Opdrachtgever geeft aanwijzingen over werkwijze
3. ZZP-er werkt op vaste tijden op locatie opdrachtgever
4. ZZP-er gebruikt apparatuur/materiaal van opdrachtgever
5. Tarief ligt dicht bij het gebruikelijke uurloon in de branche
6. Lange duur van de samenwerking (jaren aaneengesloten)

Gevolg bij herkwalificatie:
  Naheffingsaanslag loonheffingen (tot 5 jaar terug)
  + Vergrijpboete (als opzet of grove schuld)
  + Belastingrente
  Opdrachtgever/werkgever is aansprakelijk voor de naheffing

**Opgaaf uitbetaalde bedragen aan derden:** Betaalt Van Ginkel Solutions BV meer dan **€2.400 per jaar** aan een ZZP-er, dan moet dit worden gemeld via de **Opgaaf uitbetaalde bedragen aan derden** (formulier IB 47). Dit geeft de Belastingdienst informatie om te controleren of de ZZP-er zijn inkomsten correct aangeeft in de inkomstenbelasting.

> EXAMTIP: De Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (WTTA) en de DBA (Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties) zijn relevant voor de beoordeling van arbeidsrelaties. Bij twijfel wordt de economische realiteit bepalend: hoe ziet de arbeidsrelatie er in de praktijk uit? Niet hoe het contract is opgesteld.

---

Opting-in — zelfstandige kiest voor dienstbetrekking

**Opting-in** (art. 4 lid 1 Wet LB 1964) is een regeling waarbij een **opdrachtnemer** en een **opdrachtgever** gezamenlijk kiezen om hun arbeidsrelatie fiscaal te behandelen alsof er een dienstbetrekking is — ook al is er geen echte dienstbetrekking. De opdrachtgever wordt daarmee inhoudingsplichtige voor de loonheffingen.

Opting-in — wie en wanneer?
Opdrachtnemer én opdrachtgever kiezen samen — eenzijdig kan niet
Schriftelijke overeenkomst vereist (opting-in verklaring)
Toepasbaar als er GEEN echte dienstbetrekking is
Typisch: artiest, beroepssporter, freelancer bij vaste opdrachtgever
---
Gevolgen van opting-in
Loonbelasting + premie volksverzekeringen: JA
Zvw-bijdrage werkgeversdeel: JA
Werknemersverzekeringen (WW/WIA): NEE — opting-in geeft géén WNV-dekking
Opdrachtgever houdt loonheffing in en draagt af als ware hij werkgever
---
Vergelijking: opting-in versus echte dienstbetrekking
Echte DB: alle vier heffingen (LB/PV, WW, WIA, Zvw)
Opting-in: LB/PV + Zvw, géén WW/WIA
Fictieve DB (bijv. thuiswerker): ook WNV als > 3 dagen/week
Keuze voor opting-in is contractueel vastgelegd — geen automatisme

> EXAMTIP: Opting-in leidt tot loonheffing en Zvw-bijdrage, maar **niet** tot werknemersverzekeringen. Wie WW-bescherming wil, heeft een echte dienstbetrekking nodig — opting-in is alleen fiscaal relevant, niet sociaalverzekeringsrechtelijk.

---

Publiekrechtelijke dienstbetrekking

**Ambtenaren** hebben een publiekrechtelijke dienstbetrekking — hun rechtspositie is gebaseerd op de Ambtenarenwet en specifieke rechtspositiebesluiten, niet op het BW-arbeidscontract. Voor de **loonheffingen** gelden echter precies dezelfde regels als voor privaatrechtelijke dienstbetrekkingen.

Publiekrechtelijke DB — loonheffingen gelijk aan privaat
Loonbelasting + premie volksverzekeringen: JA
Werknemersverzekeringen (WW/WIA): JA — ambtenaren zijn WEL verzekerd
Zvw-bijdrage: JA
Inhoudingsplichtige: de overheidsinstantie (Rijk, gemeente, provincie, waterschap)
---
Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (NRA 2020)
Wet normalisering: ambtenaren vallen nu ook onder BW-arbeidsrecht
Uitzonderingen: militairen, politie, rechters en enkele anderen
Voor loonheffingen: geen wijziging — regime was al gelijk aan privaat

> EXAMTIP: Publiekrechtelijk of privaatrechtelijk — voor de loonheffingen is er **geen verschil**. Het onderscheid is relevant voor het arbeidsrecht (ontslagprocedure, rechtsbescherming), niet voor de loonbelasting.

---

Het vierde element — "gedurende zekere tijd"

Naast de drie cumulatieve vereisten (persoonlijk arbeid, loon, gezagsverhouding) noemen de wet en sommige rechterlijke uitspraken ook **"gedurende zekere tijd"** als aanvullend kenmerk. Dit element drukt uit dat de arbeidsverhouding een zekere **continuïteit of duurzaamheid** moet hebben — een puur eenmalige, direct afgeronde handeling volstaat niet voor een dienstbetrekking.

De vier elementen van de dienstbetrekking (juridische volledigheid):

1. Persoonlijk arbeid verrichten        ← cumulatief vereist
2. Loon ontvangen                       ← cumulatief vereist
3. Gezagsverhouding                     ← cumulatief vereist
4. Gedurende zekere tijd                ← aanvullend / continuïteit

Het vierde element speelt een rol bij de vraag of een éénmalig karwei
(een uurtje helpen bij een buurman) een dienstbetrekking oplevert.
In de praktijk weegt het gezagscriterium het zwaarst.

> EXAMTIP: Op het BKL/PDL-examen zijn de **drie cumulatieve vereisten** (persoonlijk arbeid, loon, gezag) de kernstof. Als een examenopgave "gedurende zekere tijd" noemt, gaat het over de vraag of de arbeidsverhouding voldoende duurzaam is om als dienstbetrekking te kwalificeren — het is een aanvullend kenmerk dat bij grenssituaties het verschil kan maken.

---

Inhoudingsplichtige bij vroegere dienstbetrekking

Bij een **tegenwoordige dienstbetrekking** is de actieve werkgever de inhoudingsplichtige. Bij uitkeringen uit een **vroegere dienstbetrekking** is de inhoudingsplichtige degene die het geld feitelijk uitbetaalt — dat is bijna nooit meer de vroegere werkgever zelf.

Pensioenuitvoerder | pensioenfonds of levensverzekeraar
Pensioenfonds of levensverzekeraar betaalt de pensioenuitkering
De pensioenuitvoerder is de inhoudingsplichtige — niet de vroegere werkgever
Groene loonheffingstabel: loon uit vroegere dienstbetrekking
Geen premies werknemersverzekeringen verschuldigd
---
UWV | WW, WIA en ZW-uitkeringen
UWV betaalt WW, WIA (IVA/WGA) en ZW-uitkeringen aan de uitkeringsgerechtigde
UWV is de inhoudingsplichtige voor deze uitkeringen
Groene tabel van toepassing — ook als de gerechtigde nog niet gepensioneerd is
---
SVB (Sociale Verzekeringsbank) | AOW-uitkering
SVB betaalt de AOW-uitkering
SVB is de inhoudingsplichtige: zij houdt loonbelasting in op de AOW
De AOW-gerechtigde ontvangt het nettobedrag na inhouding door SVB
---
Vroegere werkgever | directe nabetalingen en aanvullingen
Vroegere werkgever betaalt VUT-uitkering, aanvullingsregeling of ontslagvergoeding
De werkgever die feitelijk uitbetaalt, blijft dan inhoudingsplichtige
Groene loonheffingstabel van toepassing; geen WW/WIA-premies

> EXAMTIP: Bij vroegere dienstbetrekking is de inhoudingsplichtige **degene die het geld uitbetaalt** — niet de werkgever bij wie men vroeger werkte. Een gepensioneerde ontvangt pensioen via het pensioenfonds (inhoudingsplichtige: het pensioenfonds) en AOW via de SVB (inhoudingsplichtige: SVB). Zijn vroegere werkgever is dan géén inhoudingsplichtige meer, tenzij hij zelf een VUT of aanvulling uitbetaalt.

---

Doen in Excel — Arbeidsrelatie-checker

Gegeven

| Naam | TypeArbeidsrelatie | AandeelhouderPct | VergoedingPerMaand | |---|---|---|---| | Thomas van Dijk | DGA | 45 | 5.000 | | Sarah Jansen | Werknemer | 0 | 3.200 | | Emma Bakker | Stagiaire | 0 | 400 | | Reza Hosseini | ZZP | 0 | 6.500 | | Bart de Groot | Vrijwilliger | 0 | 180 | | Karin Smits | Oproepkracht | 0 | 2.100 |

Opdracht

Bouw een Excel-tabel voor bovenstaande zes personen. Voeg kolommen toe die automatisch bepalen of loonheffing, werknemersverzekeringen en Zvw van toepassing zijn. Voeg een vierde kolom toe met een toelichting die voor ZZP-ers signaleert of de opgaafplicht geldt (jaarvergoeding > €2.400) en voor DGA's of het aandelenbelang boven de 5%-grens ligt.

Sleutelformule

Gebruik IFS met de meest specifieke gevallen bovenaan en een vangnet-conditie als laatste — een IFS zonder afsluitende TRUE geeft een fout als geen enkele conditie overeenkomt.

=IFS([@TypeArbeidsrelatie]="ZZP","Nee", [@TypeArbeidsrelatie]="Vrijwilliger",IF([@VergoedingPerMaand]<=210,"Nee","Ja"), TRUE,"Ja")

---

Missie

STORY: Van Ginkel Solutions BV groeit snel en werkt samen met meerdere externe partijen. Als salarisadministrateur analyseer jij vijf arbeidssituaties en bouw je een Excel-tool die de inhoudingsplicht automatisch vaststelt. Zo voorkomt het bedrijf naheffingen en boetes.

Stap 1 — Analyseer de vijf situaties

Bestudeer de volgende vijf arbeidssituaties bij Van Ginkel Solutions BV:

Situatie 1: Thomas van Dijk — DGA
  Thomas is directeur en bezit 45% van de aandelen van de BV.
  Hij ontvangt een maandloon van €5.000.
  Vraag: welke loonheffingen zijn van toepassing?

Situatie 2: Emma Bakker — Stagiaire (HBO Bedrijfseconomie)
  Emma loopt stage in het kader van haar opleiding.
  Ze ontvangt een stagevergoeding van €400 per maand.
  Vraag: welke loonheffingen zijn van toepassing?

Situatie 3: Reza Hosseini — ZZP-er (IT-consultant)
  Reza werkt exclusief voor Van Ginkel Solutions BV al 18 maanden.
  Hij werkt dagelijks op kantoor, gebruikt VGS-apparatuur.
  Factuur: €6.500 per maand.
  Vraag: welke loonheffingen zijn van toepassing? Zijn er risico's?

Situatie 4: Karin Smits — Oproepkracht (administratief)
  Karin heeft een nul-urencontract en wordt opgeroepen als nodig.
  Gemiddeld €2.100 per maand.
  Vraag: welke loonheffingen zijn van toepassing?

Situatie 5: Bart de Groot — Vrijwilliger
  Bart helpt bij de jaarlijkse bedrijfssportdag en ontvangt €250.
  Vraag: is deze vergoeding belast?

Stap 2 — Bouw de Excel arbeidsrelatie-checker

Volg de instructies in de theorie (Doen in Excel) en maak de tabel **tblArbeidsrelaties** met alle vijf situaties. Gebruik de IFS-formules voor de kolommen E, F en G.

Controleer je uitkomsten aan de hand van de verwachte resultaten:

Verwachte uitkomsten:

Situatie 1 — Thomas (DGA, 45%):
  Loonheffing:               Ja (gebruikelijk loon)
  Werknemersverzekeringen:   Nee (> 5% aandeelhouder)
  Zvw-bijdrage:              Ja
  Actie: controleer of loon ≥ gebruikelijk loon (€56.000/jaar = €4.667/maand)
         Thomas ontvangt €5.000/maand → voldoet aan gebruikelijk loon

Situatie 2 — Emma (Stagiaire, €400/maand):
  Loonheffing:               Nee (≤ €600/maand grens)
  Werknemersverzekeringen:   Nee (altijd uitgesloten voor stagiaires)
  Zvw-bijdrage:              Nee
  Actie: geen inhoudingen — vergoeding volledig netto uitbetalen

Situatie 3 — Reza (ZZP, €6.500/maand):
  Formeel: geen loonheffingen (ZZP-er)
  RISICO: exclusief voor VGS, lange duur, gebruik apparatuur VGS
  → Alle drie schijnzelfstandigheidscriteria aanwezig
  → Rood gemarkeerd in Excel (schijnzelfstandigheidsrisico)
  Actie: juridisch advies inwinnen, heroverweeg arbeidsrelatie
  Opgaafplicht: €6.500 × 12 = €78.000/jaar → ver boven €2.400 → opgaaf vereist

Situatie 4 — Karin (Oproepkracht, €2.100/maand):
  Loonheffing:               Ja
  Werknemersverzekeringen:   Ja (nul-urencontract = dienstbetrekking)
  Zvw-bijdrage:              Ja
  Actie: normale loonstrook opmaken, WW laag of hoog afhankelijk van contractvorm

Situatie 5 — Bart (Vrijwilliger, €250/maand):
  Loonheffing:               Ja (€250 > €210/maand grens!)
  Werknemersverzekeringen:   Nee
  Actie: loonheffing inhouden over de gehele €250 (niet alleen het meerdere)

Stap 3 — Stel de opgaafplicht vast voor Reza

Bereken in Excel of de opgaaf uitbetaalde bedragen aan derden van toepassing is:

In cel naast Reza's rij:
=IF([@VergoedingPerMaand]*12 > 2400,
    "OPGAAF VEREIST — bedrag: €"&TEXT([@VergoedingPerMaand]*12,"#.##0"),
    "Geen opgaafplicht")

Uitkomst voor Reza:
  €6.500 × 12 = €78.000 per jaar
  €78.000 > €2.400 → OPGAAF VEREIST
  Formulier: IB 47 (Opgaaf uitbetaalde bedragen aan derden)
  Indienen: jaarlijks, vóór 1 februari volgend jaar

Stap 4 — Advies aan de directie

Op basis van jouw analyse stel je een kort advies op voor de directie van Van Ginkel Solutions BV:

Advies arbeidsrelaties Van Ginkel Solutions BV — 2026

Aandachtspunten:
1. Reza Hosseini (ZZP): hoog schijnzelfstandigheidsrisico.
   Aanbeveling: omzetten naar dienstbetrekking of oproepcontract overwegen.
   Risico bij naheffing: loonheffingen over 5 jaar terug te betalen door VGS.

2. Bart de Groot (Vrijwilliger): vergoeding €250/maand overschrijdt €210-grens.
   Actie: loonheffing inhouden of vergoeding verlagen naar ≤ €210/maand.

3. Thomas van Dijk (DGA): gebruikelijk loon correct toegepast (€5.000/maand).
   Geen actie vereist.

4. Emma Bakker (Stagiaire): vergoeding binnen grens — geen inhoudingen vereist.
   Controleer jaarlijks of grens niet wordt overschreden.

5. Karin Smits (Oproepkracht): normale loonadministratie van toepassing.
   Controleer WW-tarief (laag/hoog) op basis van contracttype.